HomeRubriekenGastblogsBericht
voetnoot
‘Werken met cijfers’: minder e-books aangeschaft dan ‘onttrekkingsrapport’ aangaf
Wim Keizer
05-02-2019
De Koninklijke Bibliotheek (KB) heeft de afgelopen jaren aanzienlijk minder geld aan de inkoop van licenties van e-books besteed (en tegelijk aanzienlijk meer aan andere ‘digitale content’) dan de in maart 2014 verschenen samenvatting van het rapport ‘Actualisatie onderzoek digitale content in de collectie van openbare bibliotheken’ van de Kwink Groep, de Rebel Group en ML Advies aangaf. 
‘Werken met cijfers’: minder e-books aangeschaft dan ‘onttrekkingsrapport’ aangaf
Dat is één van de conclusies die ik trek uit vergelijking van de cijfers die in 2014 in het genoemde rapport (pdf) stonden en de cijfers die ik tegenkwam in de in mijn bezit zijnde Jaarplannen 2017, 2018 en 2019 voor inkoop van e-content van de KB-inkoopcommissie. Het is interessant eens na te gaan hoe het zit met de cijfers. Bij mij roepen ze onder andere de vragen op of het bedrag dat OCW sinds 2015 jaarlijks aan de KB verstrekt voor de aankoop van e-content al niet te hoog was en bovendien of het wel zo nodig was dat OCW dit bedrag door middel van een convenant ook nog verder verhoogd heeft. Artikel 5 van dat convenant zegt dat OCW er in 2019 € 1 miljoen aan toevoegt, in 2020 € 2,75 miljoen en in 2021 en volgende jaren € 3 miljoen.  
Overigens staat er in de OCW-begroting 2019 (tabellen 14.2 en 14.3, pag. 94/95) per jaar € 1 miljoen minder genoemd (in 2019 niets, 2020 € 1,75 miljoen meer en 2021 en volgende jaren € 2 miljoen meer, ofwel: in 2019 te subsidiëren € 12,2 miljoen, 2020 € 13,95 miljoen en 2021 e.v. € 14,2 miljoen).
In de brief van 17 januari 2019 die minister Van Engelshoven samen met een document ‘Bibliotheekstatistiek 2017’ naar de Tweede Kamer stuurde, staat als verklaring: ‘Voor de uitvoering van de afspraken in het convenant is een bedrag beschikbaar dat oploopt naar € 3 miljoen in 2021, waarvan € 2 miljoen afkomstig is uit het extra cultuurbudget.’
Het zal te maken hebben met verrekening BTW. Het KB-beleidsplan 2019-2022 ‘Werken met woorden’ (pdf) meldt op pagina 34 dat de KB er jaarlijks € 1 miljoen bijkrijgt, als BTW-compensatie ten behoeve van e-content. En bij de lasten staat voor inkoop e-content een ruim € 1 miljoen hoger bedrag dan in de OCW-begroting, namelijk (x 1.000): voor 2019 € 13.571, 2020 € 15.141 en 2021 en 2022 € 15.391). Waarschijnlijk zitten hierin ook de contributieopbrengsten van de ‘digital only’-leden.

Substitutie verwacht
Maar eerst terug naar vergelijking van het rapport uit 2014 en het Jaarplan 2019 (pdf) van de Inkoopcommissie. Het rapport uit 2014 was de basis voor de omstreden onttrekking (of ‘uitname’) van gelden uit het gemeentefonds om OCW daarmee in staat te stellen jaarlijks een van 2014 tot 2018 oplopend bedrag (van € 6,9 miljoen in 2014 tot € 12,2 miljoen in 2018) beschikbaar te stellen voor ‘e-content’ (inclusief e-books) van ‘de landelijke digitale bibliotheek’.
De VNG kon zich daarin vinden. In 2012 verwachtte deze vereniging in een handreiking ‘De openbare bibliotheek in het digitale tijdperk’ dat er substitutie zou kunnen plaatsvinden: papieren boeken vervangen door e-books (en tegelijk minder geld aan gebouwen kwijt). Veel gemeenten hebben de onttrekking rechtstreeks omgezet in een bezuiniging op de lokale/regionale bibliotheek.

Voor 2018 was het van OCW verkregen KB-budget e-books plus andere e-content € 12,2 miljoen. Volgens het Kwink-rapport uit 2014 zou dat als volgt verdeeld moeten zijn:
Kranten en andere databanken: € 2.000.000,
E-books: € 6.700.000,
Audiovisuele content: € 0 (met de opmerking dat er aangekocht kan worden uit andere contentstromen en de ruimte voor ‘ontsluiting en ontwikkeling’),
E-muziek: € 800.000,
Jeugd en onderwijs: € 600.000 en
Ontsluiting + ontwikkeling: € 2.000.000 (later is hier marketing aan toegevoegd),
Samen € 12,1 miljoen (verhoogd naar € 12,2 miljoen).

Vergelijking prognose 2018 met 2014
Hoe is het bedrag nu werkelijk besteed? Ik zag nog geen definitieve cijfers over 2018 (toen het bedrag voor het eerst de volle € 12,2 miljoen was), wel een prognose van november 2018 in het Jaarplan 2019 van de Inkoopcommissie. Waarbij het jammer is dat de indeling in de Jaarplannen (ook eerdere dan 2019) niet gelijk is aan die van het Kwink-rapport en ook verder niet nader is gespecificeerd. De prognose was (met voor de duidelijkheid tussen haakjes de hierboven genoemde bedragen uit het rapport ernaast):
Inkoop digitale content: € 4.500.000 (3.400.000, bestaande uit 2.000.000 voor kranten en andere databanken, 800.000 voor e-muziek en 600.000 voor jeugd en onderwijs),
E-books: € 4.100.000, plus € 278.446 voor vakantiebieb, samen € 4.378.446 (6.700.000), 
Ontsluiting e-content: € 990.000, plus € 1.050.000 voor marketing, samen € 2.040.000 (2.000.000, voor ‘ontsluiting + ontwikkeling’ en marketing) en
Inkoop diensten CB: € 600.000 (0).
Samen € 11.796.892 (12.200.000).

E-muziek en jeugd en onderwijs worden in de jaarplannen niet apart benoemd.
In juli 2018 meldde Lucinda Jones, hoofd Collecties bij de KB, mij desgevraagd in een gesprek over de cijfers tot dan toe dat de in het Kwink-rapport genoemde bedragen van ca. € 800.000 voor e-muziek en ca. € 600.000 voor jeugd en onderwijs onderdeel uitmaken van het aankoopbudget van € 4.500.000 voor digitale content. Verder bestond dit bedrag o.a. uit: ca. € 1 miljoen voor basisvaardigheden (zoals Digisterker), ca. € 1 miljoen aan databanken en ca. € 500.000 aan kranten en tijdschriften.
Als verklaring voor het feit dat er veel minder geld aan e-books is besteed dan het rapport uit 2014 aangaf, noemde Jones dat de KB met de uitgevers scherp onderhandelt over de prijs. Erbij komt zo zei zij, dat de KB een evenwichtige verdeling nastreeft tussen e-books en overige e-content.

Vergelijking budget 2019 met 2014
Het Jaarplan Inkoopcommissie 2019 noemt uiteraard ook het budget voor 2019 (op basis van het feit dat het budget dit jaar € 1 miljoen meer is, namelijk ca. € 13,2 miljoen).
Ik zet hieronder de budgetcijfers op een rij en ook hier tussen haakjes de cijfers uit het rapport van 2014 ernaast:
Inkoop digitale content: € 5.000.000 (3.400.000),
E-books (en luisterboeken): € 5.700.000, plus € 250.000 vakantiebieb, samen € 5.950.000 (6.700.000),
Techniek: € 1.000.000, plus € 1.000.000 marketing, samen € 2.000.000 (€ 2.000.000 voor ontsluiting + ontwikkeling) en
Inkoop diensten CB: 600.000 (0).
Samen € 13.550.000. De prognose voor inkomsten van het landelijk digitaal lidmaatschap (€ 42 per gebruiker) is € 180.000 (overigens hetzelfde als voor 2018, met andere woorden: er wordt gerekend met 4285 gebruikers ‘digital only’).
 
Hoofdconclusie: ondanks de verhoging van OCW wordt het in 2014 aanbevolen bedrag van € 6.700.000 voor alleen e-books nog niet gehaald. Het budget 2019 voor e-books (€ 5.950.000) is weliswaar hoger dan de prognose 2018 (€ 4.378.446), maar ook het budget 2019 voor andere e-content (€ 5.000.000) is hoger dan de prognose 2018 (€ 4.500.000).

In haar Jaarverslag 2017 (pdf) meldde de KB (pag. 46 en 52) dat er een bedrag van € 1.549.000 was toegevoegd aan het bestemmingsfonds voor e-books. Jones vertelde dat dat te maken had met een optelsom van wat er de afgelopen jaren per jaar te veel of te weinig was uitgegeven plus een BTW-teruggave van OCW. Die BTW-teruggave zou ingaand 2019 structureel worden, vooraf geregeld. Het beleidsplan 2019-2022 maakt daar, zoals eerder gezegd, melding van.

Uitleningen
Over de uitleningen schreef ik al eerder, bovenin de laatste WWW (november/december 2018). CBS en KB lieten in een persbericht weten dat ‘het gebruik’ van de digitale bibliotheek in 2017 ten opzichte van 2015 met 58% gestegen was. Dat klopte voor het hele gebruik (e-books + vakantiebieb + luisterboeken + cursussen). Maar het was ook een raar en onvolledig bericht (kennelijk om een bepaald beeld te geven). Zuiver naar e-books gekeken was er 15% groei ten opzichte van 2016. In 2016 was het 74% ten opzichte van 2015. Tel ik de vakantiebieb mee, dan zijn de percentages 15 respectievelijk 22. Tel ik alles mee, dan was het 26% in beide jaren. Ik heb de cijfers (1. alleen e-books, 2. e-books + vakantiebieb en 3. e-books + vakantiebieb + luisterboeken + cursussen) in een spreadsheetje (pdf) bij elkaar gezet, gebaseerd op de dataset van de landelijke digitale openbare bibliotheek, onderaan in www.bibliotheekinzicht.nl/databank
 
Gebruikers
De statistiekcijfers 2017 in het dossier Bibliotheekstatistiek 2017 op www.bibliotheekinzicht.nl over de gebruikers van e-books en andere e-content maken onderscheid tussen het totale aantal accounts en actieve accounts. Cijfers totale accounts e-books: in 2015 ruim 234.000, in 2016 bijna 347.000 en in 2017 bijna 441.000. Een groei van 48% van 2015 op 2016 en van 27% van 2016 op 2017.
Cijfers actieve accounts: in 2015 ruim 130.000, in 2016 ruim 204.000 en in 2017 ruim 213.000. Een groei van 57% van 2015 op 2016 en slechts 4% van 2016 op 2017. Ook deze cijfers, inclusief die van andere e-content, heb ik in een spreadsheetje (pdf) gezet.

De minister zet alle uitleencijfers (afgerond) ook in haar brief aan de Kamer, maar vermeldt merkwaardigerwijs bij gebruikers alleen de totale accounts (dus inclusief niet-actieve) voor de e-books en niet de actieve accounts apart. Ook vakantiebieb, luisterboeken en cursussen worden hier niet gemeld.

Afvlakking
We zien zowel bij uitleningen als gebruikers (vergelijkingen van 2016 met 2015 en van 2017 met 2016) dat de groei vrijwel overal afvlakt. Of deze trend zich doorzet, zal pas duidelijk worden als er ook cijfers over 2018 bekend zijn. Zodra ik daar iets over kan zeggen kom ik erop terug.

Het dossier Bibliotheekstatistiek 2017 meldt dat het aantal ‘digital only’-accounts (mensen die alleen lenen bij de landelijke digitale bibliotheek) is gestegen van 2500 in 2016 naar 5300 in 2017. Overigens zouden die dan 5300 x € 42 = € 222.600 moeten hebben opgebracht, waarmee de € 180.000 voor 2019 uit het Jaarplan te bescheiden lijkt, tenzij het aantal accounts naar verwachting afneemt.

OCW verwacht toename
OCW verwacht van het convenant, dat vooral beoogde de huidige praktijk van de KB (one copy, multiple users) vast te leggen op basis van afspraken met afzonderlijke uitgevers, een toename van het aantal uitleningen e-books. Niet alleen uitgevers, maar ook auteurs en illustratoren krijgen nu een deel van wat de KB betaalt voor e-book-licenties. Je kunt je natuurlijk afvragen waarom dit in een convenant moest worden geregeld, want is de relatie van een uitgever (vaak de rechthebbende) met auteurs en illustratoren niet gewoon een private aangelegenheid, net als bij papieren boeken (afspraken en contracten over royalties)? Of zou OCW zich mede hebben laten leiden door de klachten van schrijvers over het afnemende bedrag aan leenrechtvergoedingen, ten dele toegeschreven aan ‘de Bibliotheek op school’? Auteurs en illustratoren waren (in tegenstelling tot uitgevers) er wel voor dat het leenrecht ook zou worden toegepast op e-books (zoals ook de VOB aanvankelijk heeft nagestreefd), maar wat helaas alleen zou hebben gekund bij het ‘one copy, one user’-model en dus niet aantrekkelijk was.
Je kunt je overigens ook afvragen hoe belangrijk dat hele uitlenen van e-books eigenlijk nog is. Wordt het lezen ermee bevorderd? Daalt de laaggeletterdheid ervan? Ik zie het over een paar jaar graag terug in de CBS/KB-statistieken.

Te betalen per uitlening
Wat de KB nu precies betaalt voor de e-books-licenties is een soort bedrijfsgeheim. Uitgevers zouden afgeschrikt kunnen worden door openheid. Het uitlenen van e-books is, in tegenstelling tot het uitlenen van papieren boeken, door geheimzinnigheid omgeven. Dat begon al doordat van het Kwink-rapport uit 2014 alleen een samenvatting is verschenen. Ik heb ooit eens gevraagd om het hele onderzoek te mogen hebben, maar dat kon toen om de een of andere reden niet.
Wat de KB betaalt, hangt af van de ouderdom van een titel. Het bedrag lag in 2018 volgens Lucinda Jones tussen € 0,36 en € 1,25 per uitlening. Het is leuk de cijfers nog eens te vergelijken met die uit de presentatie van de toenmalige e-bookregeling van de Stichting Bibliotheek.nl, in 2014, met een indeling in drie categorieën: e-books jonger dan 1 jaar (‘head’), tussen 1 en 3 jaar (‘shoulder’) en ouder dan 3 jaar (‘long tail’). De vraag is hoe het e-books-budget nu wordt verdeeld over deze drie categorieën. En ik ben ervoor om de besteding nog veel verder te specificeren, zoals binnen deze drie categorieën met jeugd en volwassenen en fictie en non-fictie. Ook de e-content, de techniek en de marketing zou qua financiën veel verder gespecificeerd moeten worden om meer inzicht te krijgen in de vraag hoe de publieke OCW-middelen voor ‘de digitale bibliotheek’ nu precies worden aangewend.

Meer te betalen: 50%

Nu het convenant er is, wordt het te betalen bedrag 50% hoger, omdat ook auteurs/illustratoren betaald krijgen en de uitgevers er niet op achteruit wilden gaan. De Groep Algemene Uitgevers (GAU, binnen de Mediafederatie) legt in een stuk met Frequent Asked Questions (pdf) uit hoe het zit, aan de hand van een fictief KB-bedrag van 50 cent per uitlening. In de oude situatie betaalde de uitgever (als die zich hield aan het modelcontract, waarin de royalty ‘bijvoorbeeld’ 25% zou kunnen zijn – dus blijkbaar ook anders) de auteur 12,5 cent en hield zelf 37,5 cent. In de nieuwe situatie betaalt de KB 75 cent in plaats van 50 cent en krijgt de auteur (via Lira) de helft, dus 37,5 cent (waar nodig wel te delen met illustratoren en omslagmakers, via Pictoright) en houdt de uitgever de andere 37,5 cent. Zoals het FAQ-stuk zegt: ‘De uitgever gaat er concreet niet op achteruit’.

Luilekkerland?
Ik zal in zijn algemeenheid niet zeggen dat het heel erg goed gaat met verkoop van boeken, maar is dit bibliotheek-e-books-segment eigenlijk niet een soort e-books-luilekkerland voor de uitgevers geworden? Een mooie pot met gegarandeerd geld bij de KB. En geen royalties meer te betalen aan de makers. Want die betaalt OCW nu, via de KB, met extra geld bovenop wat er al was. Meer geld dan de KB aan e-books weet op te maken (‘klassieke digitale bibliotheek’?), waardoor het verder maar in andere e-content wordt gestoken (‘maatschappelijke digitale bibliotheek’?). Maar het Jaarplan 2019 van de Inkoopcommissie signaleert nog wel een probleempje: de centraal ingekochte e-content wordt nog onvoldoende benut om waarde mee te realiseren. Dus moet de inkoop worden gericht ‘op de klant als individu en als “klant in de samenleving” (d.w.z. rekening houdend met het maatschappelijke doel van de bibliotheek) met thuisgebruik als streven’. Hmm. Bedrijven hebben klanten, maar is de bibliotheek een bedrijf?

De vraag kan ook nog rijzen of het wel de bedoeling was het bedrag voor het CB te betalen uit de voor e-content bedoelde bedragen. Volgens Jones is de vergoeding aan het CB (transactiekosten en kosten voor beveiliging van de bestanden, zoals DRM en watermerken e.d.) een ‘grensgebied’ tussen de landelijke digitale infrastructuur, bekostigd uit de Wsob-bijdrage van € 21,4 miljoen voor ‘stelseltaken & digitale infrastructuur’, en e-content, bekostigd uit de Wsob-bijdrage van € 12,2 miljoen (in 2018) aan de KB, beide genoemd in het KB-beleidsplan 2015-2018 (pdf).
 
Wsob-bijdragen aan de KB
Wat die laatste bedragen betreft, zag ik ook verschillen en onduidelijkheden.
Het KB-beleidsplan 2015-2018 vermeldde op pagina 22 voor 2017 aan bijdragen Wsob (x 1.000): € 43.270, bestaande uit:
€ 21.400 voor stelseltaken & digitale infrastructuur,
€ 11.270 voor leesgehandicapten en
€ 10.600 voor de digitale bibliotheek).

Voor 2018 was het (ook x 1.000): € 44.870, bestaande uit:
€ 21.400 voor stelseltaken & digitale infrastructuur,
€ 11.270 voor leesgehandicapten en
€ 12.200 voor de digitale bibliotheek.

Het KB-jaarverslag 2017 noemt op pag. 60 echter bij Wsob € 45.674 (helaas zonder specificatie). Dus in het totaal ruim € 2 miljoen meer dan het beleidsplan 2015-2018 (€ 43.270).
Op pag. 95 van de OCW-begroting 2019 zie ik: voor 2022 e.v. aan bijdrage Wsob € 49.004.
De stelseltaken staan hierbinnen voor 2022 e.v. op € 23.534 (dan weer € 1 miljoen lager dan van 2019 t/m 2021, in verband met de tijdelijkheid - drie jaar - van de € 1 miljoen voor gemeentelijke achterstanden op het platteland). Het bedrag voor stelseltaken ten behoeve van de KB is dus blijkbaar omhoog gegaan van € 21.400 (KB-beleidsplan 2015-2018) naar € 23.534. Hoe is die groei met € 2 miljoen te verklaren? Zit het hem alleen in de BTW-teruggave? Ik vroeg het aan Aad van Tongeren van OCW, maar kreeg nog geen antwoord.

Het KB-beleidsplan 2019-2022 noemt als totale Wsob-bijdragen (x 1.000):
in 2019 € 46.384,
in 2020 € 46.134 (waarom € 250.000 minder?),
in 2021 € 48.384 en
in 2022 eveneens € 48.384.
Helaas, in tegenstelling tot het beleidsplan 2015-2018, ongespecificeerd. Wel staan er bij de lasten cijfers voor e-content (zoals ik eerder meldde: meer dan de OCW-begroting aangeeft, waarschijnlijk voornamelijk door die € 1 miljoen structurele BTW-teruggave) en voor de leesgehandicapten (ongeveer conform OCW-begroting). Maar wat de KB van OCW krijgt en kwijt is aan een post ‘stelseltaken & digitale infrastructuur’ zie ik niet meer. Er staat alleen nog een bedragje van € 1.515.000 voor ‘landelijke stelseltaken’.
Een spreadsheet van de KB met specificaties zou mooi zijn. Ik zou zeggen: doe ook aan ‘werken met cijfers’.

Wim Keizer


Print deze pagina

Reacties op dit artikel (4)

Wim Keizer
31-1-2019 14:09
 
Aanvulling: geen € 800.000 naar e-muziek
 
Volgens het Kwink-rapport uit 2014 had het bedrag voor aankoop e-muziek in 2018 € 800.000 moeten zijn, als onderdeel van het hele bedrag aan e-content (incl. e-books) van € 12,2 miljoen. Dat hele bedrag was in 2015 nog € 8 miljoen, in 2016 € 9,2 miljoen en in 2017 € 10,6 miljoen.
In 2019 wordt het ca. € 13,2 miljoen.
 
Naar evenredigheid gerekend, zou het dan voor e-muziek hebben moeten zijn:
2015: 8/12,2 x 800.000 = ca. € 524.600;
2016: 9,2/12,2 x 800.000 = ca. € 603.300;
2017: 10,6/12,2 x 800.000 = ca. € 695.000;
2018: € 800.000
2019: 13,2/12,2 x 800.000 = ca. € 865.500.
 
Margreet Teunissen, directeur van Muziekweb, zegt desgevraagd dat de bedragen in werkelijkheid geweest zijn (en worden):
2015: € 605.000, voor Muziekweb in de bibliotheek, ontwikkeling app voor IOS en Android (eenmalig) en hosting fragmenten, annotaties, afbeeldingen etc. in Nederlandse Openbare Bibliotheken;
2016: € 605.000, maar in plaats van een app een innovatiebijdrage voor ontwikkeling filmbieb;
2017: € 605.000, idem;
2018: € 605.000, idem;
Voor 2019 wordt € 555.000 voorzien: geen innovatiebijdrage meer.
 
Margreet Teunissen: 'We hebben dus de ingroei tot 800K (niveau 2018 Kwinkgroep) niet gekregen. Ingroei is zelfs afname geworden. Hierdoor is een aantal projecten bij ons niet uitgevoerd en ligt er nog heel wat werk, zeker op gebied van dvd, maar ook muziek, te wachten. Hoewel ik de plek van boeken echt heel belangrijk vind voor de bibliotheken, vind ik tegelijkertijd dat muziek, film en dergelijke heel weinig serieuze aandacht krijgen. En als je dan ziet hoe ons gebruik (Muziekweb.nl) de laatste jaren is toegenomen, dan is er een schril contrast. We hebben de inkoopcommissie laten weten dat we dit jammer vinden. Ondertussen ploeteren we maar verder.'
Wim Keizer
11-2-2019 17:32
Aanvulling 2: cijfers e-books 2018

Ik gaf aan op cijfers terug te zullen komen als ik ook gegevens over 2018 heb.
Inmiddels is dat ten dele het geval.
Op de website Metdekb.nl, alleen toegankelijk voor personeelsleden van bibliotheekorganisaties, heeft Bertil Voogd in een Excel-bestand de uitleencijfers en account-cijfers over 2018 van de e-books gepubliceerd. Gelukkig zijn er mensen in het openbare bibliotheekwerk die van openbaarheid houden. Ook ik heb dit Excel-bestand.

Het gaat uitsluitend over de e-books, dus niet over vakantiebieb, luisterboeken en cursussen.

In 2018 werden er 3.509.460 e-books uitgeleend.
Dat is een groei met 9,3%.
Van 2015 op 2016 was het 74,2%.
Van 2016 op 2017 14,6%.
De groei is verder afgevlakt.

Wat de accounts betreft, is het beeld diffuser.
Het aantal geldige accounts (actieve + niet-actieve) was in 2018 417.613.
Dat is een daling met 5,3%.
Van 2015 op 2016 was de groei 47,9%
Van 2016 op 2017 27,2%.
Maar het aantal actieve accounts steeg juist. In 2018 waren het er 227.319, een groei van 6,5%.
Dat is meer dan van 2016 op 2017: 4,4%.
Van 2015 op 2016 was het 56,9%.

Verdere conclusies over de hele digitale bibliotheek kunnen natuurlijk pas getrokken worden as we ook cijfers hebben van vakantiebieb, luisterboeken en cursussen.

Wel is helder dat er op basis van het Kwink-rapport uit 2014 te veel geld voor e-books aan het gemeentefonds is onttrokken. Grootschalige substitutie van fysieke boeken door e-books, zoals nog wel verwacht werd toen OCW en VNG de afspraken over de uitname maakten, vindt niet plaats.

Nu is het onwaarschijnlijk dat OCW geld gaat terugstorten in het gemeentefonds ten behoeve van de versterking van het hele lokale/regionale bibliotheekwerk of met dat geld het leenrecht (voor papieren boeken) gaat afkopen.
Het convenant bewijst al dat alles op alles wordt gezet om de trend van afvlakkende groei bij te buigen. Ook kan verwacht worden dat er nog meer aan marketing wordt gedaan (1 miljoen per jaar lijkt me al niet niks) en dat de marketing gerichter wordt toegepast op doelgroepen die nu al de meer e-books gaan lenen, zoals ouderen.

Overigens gaan ook de kosten voor aanschaf van e-book-licenties blijkbaar flink omhoog. De stichting Bibliotheek.nl had het in 2014 nog over een bandbreedte van 0,12 euro per uitlening voor de long tail tot 0,60 euro voor de bestsellers.
In 2018 was die bandbreedte al 0,36 euro tot 1,25 euro.
Daar komt nu door het convenant 50% bij: van 0,54 euro tot 1,87 euro.
Voor hetzelfde geld dus minder e-books. En of ze actueler worden, bepaalt nog steeds elke individuele uitgever. Ik zei het vaker: de digitale bibliotheek is veel meer afhankelijk van uitgevers dan de fysieke bibliotheek en voldoet dus qua collectiebeleid minder aan de wettelijke publieke waarde ‘onafhankelijkheid’.
Wim Keizer
19-2-2019 17:27
Aanvulling 3: ook de andere cijfers

Op mijn verzoek heeft de KB mij ook de uitleencijfers 2018 van de vakantiebieb, de luisterboeken en het aantal gevolgde trainingen van de cursussen verstrekt.

Vakantiebieb 2018: 1.709.225 uitleningen. In 2017 was het 2.223.530. Dus 514.305 minder, ofwel -23,1%.

E-books + vakantiebieb 2018 samen: 5.218.685 uitleningen. In 2017 was het 5.435.470, dus 216.785 minder, ofwel -4%.

Luisterboeken 2018: 1.217.456 uitleningen. In 2017 890.541, ofwel 326.915 meer. Een plus van 36,7%.

Cursussen 2018: 26.421 trainingen. In 2017 42.519, dus 16.098 minder ofwel -37,9%.

Alles bij elkaar 2018: 6.462.562. In 2017 6.368.530, dus 94.032 meer, ofwel een plusje van 1,5%.
Ingrid de Graaf
20-2-2019 14:41
ik maak mij vooral zorgen over het aanbod bij e-books. Ik persoonlijk vind het aanbod zeer teleurstellend. Bijna allemaal oude titels, sporadisch bestsellers, en als je graag een bepaald genre leest ben je er zo doorheen. Toch krimpen in veel bibliotheken de fysieke collecties ten faveure van de e-books. Als je dit naast elkaar legt dan zie je een afname in exemplaren en verschraling in keuze. Dat kan toch niet de bedoeling zijn.

Schrijf een reactie

Naam
E-mailadres (?)
Reactie
 

Gerelateerde informatie