HomeRubriekenGastblogsBericht
voetnoot
Diversiteit
Juan Khalaf
06-09-2018
Inburgeren in Nederland, het is de laatste tijd weer een actueel onderwerp, omdat vanaf 2020 de verantwoordelijkheid hiervoor weer bij de gemeente komt te liggen. Als geen ander kan ik meepraten over inburgeren. Toen ik zeventien jaar geleden als vluchteling vanuit Syrië naar Nederland kwam, waren de omstandigheden om in te burgeren vaak lastiger dan nu. Internet was nog maar mondjesmaat beschikbaar (ik was aangewezen op de openingstijden van de lokale bibliotheek) en de tijd voordat je woonruimte kreeg toegewezen was veel langer dan nu het geval is. 
Diversiteit
Mijn eerste zes jaren in Nederland verbleef ik dan ook in asielzoekerscentra verspreid door het land. Geen ideale omstandigheden, maar ik had één doel voor ogen: zo goed mogelijk een plaats weten te verwerven in de Nederlandse samenleving. Alle kansen en mogelijkheden die zich voordeden greep ik aan: ik ging vrijwilligerswerk doen (met jongeren en met ouderen, om in aanraking te komen met zoveel mogelijk verschillende mensen), ik bezocht bijna dagelijks de bibliotheek en sprak daar met de bezoekers en met het personeel en ik keek televisieprogramma’s waar veel Nederlandse mensen ook naar keken. Allemaal om maar zo goed mogelijk het land en de mensen te leren begrijpen waar ik terecht was gekomen.

Toen ik eenmaal begon aan de bibliotheekopleiding en daarna de kans kreeg om te gaan werken kreeg mijn inburgering een heel nieuwe impuls. Opeens werkte ik met allemaal Nederlandse mensen en leerde ik nog meer over de cultuur, de gewoonten, de gebruiken. Van mijn bescheiden startsalaris kocht ik een Museumkaart en vrijwel elk weekend bezocht ik een museum. Steeds weer met dat ene doel voor ogen: Nederland, de Nederlander en de Nederlandse cultuur beter leren begrijpen. En natuurlijk ook om zelf een beetje meer Nederlander te worden! Werk bleek daarvoor de ideale voedingsbodem. De vergadercultuur, het overleggen, het afstemmen, ik leerde het allemaal dankzij mijn collega’s. Als geen ander weet ik dus hoe belangrijk werk is om echt te kunnen inburgeren. Het is een van de drijfveren in mijn leven nu om nieuwkomers te overtuigen hoe zinvol het is om te werken. Regelmatig hoor je dan dat mensen zeggen: ‘Waarom zou ik werken, ik verdien niet meer dan wat ik nu in de bijstand krijg?’ Dat is voor mij altijd een mooie aanleiding om te vertellen vanuit mijn eigen ervaring en hart, dat werk zoveel meer is dan alleen maar geld. Het helpt je als nieuwkomer zoveel verder als je in een professionele omgeving aan de slag gaat.

Door mijn werk als ambassadeur bij de Koninklijke Bibliotheek kom ik nu bij bibliotheken, provinciale ondersteuningsorganisaties en bibliotheekbijeenkomsten door het hele land en steeds valt mij weer op hoe ‘wit’ onze sector is. De grote stadsbibliotheken vormen een positieve uitzondering, maar verder gebeurt het toch heel regelmatig bij bijeenkomsten dat ik van de aanwezigen de enige ben die niet oorspronkelijk uit Nederland afkomstig is. Eind augustus schreven de directeuren van zes Rijkscultuurfondsen en Unesco in NRC Handelsblad een artikel met als centrale stelling: diversiteit wordt niet langer uitzondering maar regel. ‘Een inclusieve cultuursector, diversiteit van makers en publiek en pluriformiteit van uitingen hebben topprioriteit in de periode die voor ons ligt,’ schrijven ze. En ook: ‘We hanteren concrete doelen bij het aannamebeleid van personeel en voor de samenstelling van ons adviseursnetwerk. We beoordelen adviseurs, commissies en personeel op hun ervaring met diversiteit.’ 
In de bibliotheeksector is het rondom dit onderwerp naar mijn mening nog te stil. In het nieuwe certificeringskader wordt wel melding gemaakt van de Code Culturele Diversiteit (maar ook niet meer dan dat). Ik hoop van harte dat bibliotheekorganisaties op dit onderwerp kritisch zullen worden bevraagd. En dan niet alleen over wat er op papier in het beleidsplan staat, maar bovenal over de praktijk: welke aandacht krijgt diversiteit in het personeelsbeleid en bij het aannemen van nieuwe medewerkers, welke doelen worden er op dit beleidsgebied gesteld en hoe gaan die gerealiseerd worden? Een blik op de auditoren van de nieuwe certificeringsorganisatie laat ook een heel wit team zien. Een gemiste kans voor dit team.

Natuurlijk moet voor elke organisatie en dus ook voor bibliotheken kwaliteit voorop staan en niet altijd zal er een geschikte ‘diverse’ kandidaat voorhanden zijn bij een sollicitatie, maar kom op: we leven in een samenleving met zeker anderhalf miljoen mensen met een migratieachtergrond. Dan kan de bibliotheek – de publieke plaats voor iedereen – niet langer achterblijven! Ik hoop van harte dat het pleidooi van de directeuren van de Rijkscultuurfondsen in NRC ook gaat doordringen in onze branche en dat we met zijn allen gaan werken aan een sector die een mooie afspiegeling vormt van onze samenleving. Nederland verdient het. 
 
Juan Khalaf is werkzaam bij Theek 5 in Oosterhout. Hij werd verkozen tot beste bibliothecaris van Nederland 2016-2017 en werd begin dit jaar aangesteld als ambassadeur bij de Koninklijke Bibliotheek.
juan.khalaf@kb.nl


Print deze pagina

Reacties op dit artikel (1)

Jola Wouterse
17-9-2018 18:37
 Wat een ontzettend, mooi en duidelijk artikel. Hier staat bijna alles in wat de Nieuwe Nederlander zou moeten weten maar ook wij de Nederlander. Ik bewonder je al van het begin af aan en ben er trots op dat ik je heb mogen leren kennen. Inspirerend voor ons allemaal. Tot snel. Gr. Jola

Schrijf een reactie

Naam
E-mailadres (?)
Reactie
 

Gerelateerde informatie