HomeRubriekenGastblogsBericht
voetnoot
Nieuwe generatie
Agnes Klitsie
21-05-2013
Er staat een jongen voor mijn balie, vierde klas vmbo-TL (die stromen meestal door naar de havo). Hij kan het boek van ‘Maarten het Hart’ niet vinden. Ik loop met hem mee en pak het boek uit de kast. Verrassing. Waar heb je dan gezocht, wil ik weten. Hij was gaan zoeken op de voornaam. Het is niet de eerste keer dat ik dat meemaak, nog sterker, ik maak het bijna wekelijks mee. Maar hoe zoekt hij dan in een telefoonboek op internet, vraag ik. Hij zoekt nooit in een telefoonboek. Alles wat hij nodig heeft, zit op Facebook en daar kan hij alles vinden.
Nieuwe generatie
Afgelopen week ben ik begonnen met het maken van nieuwe opdrachten voor de brugklassers die tussen september en december voor een klassenbezoek komen. Die rondleidingen heb ik twee jaar geleden overgenomen van een collega die was vertrokken. Ik heb de eerste twee jaar het Bibliospel van ProBiblio gebruikt, maar dat vond ik niet meer voldoen. Ik ben tot de conclusie gekomen dat er echt een andere generatie kinderen van school komt, die door de digitalisering anders moet worden aangepakt. Hier volgen mijn bevindingen.

De leerlingen weten het verschil niet tussen een catalogus en Google. Ze tikken rustig de vraag in het venster van de catalogus zoals ze dat bij Google doen. Ze zoeken niet gericht op onderwerp, titel of schrijver, ze beginnen meteen met hun vraag zonder te kijken wat ze uit moeten rollen in het venstertje. Ze zien ook door het grijs op wit niet dat daar titelinformatie en tags zijn te zien. Ze kunnen niet alfabetiseren. Ze maken heel veel typefouten. Zelfs als de vraag over een boek van Theo Hoogstraaten gaat, tikken heel veel kinderen ‘Hoogstraten’ (ze beginnen overigens sowieso altijd met de voornaam). Vooral de lagere groepen van het vmbo worden zenuwachtig als de schermen te veel informatie bevatten. Ze maken de schermen niet groot nadat ze hebben doorgeklikt en missen zo veel informatie (of het boek uitgeleend is of niet). Op het ogenblik lopen SISO en PIM nogal eens door elkaar, dat is heel verwarrend. De jeugd- uittrekselbanken zijn veel te ingewikkeld. Leerlingen slaan het gele veld links over, raken verdwaald en stoppen. Daarnaast is er ook nog eens heel weinig geschikt digitaal non-fictie materiaal te vinden voor brugklassers.

De nieuwe vragen die ik ga/wil maken moeten voldoen aan drie criteria. Ze mogen niet verouderen (wat is het laatste boek dat je gelezen hebt, zoek dat op op de computer). Er moet in tot uiting komen wat de kinderen bezighoudt (wat hebben we over jouw hobby in de bibliotheek). En nog belangrijker: ik moet er zo weinig mogelijk nakijkwerk aan hebben (betrekken van de leraar). Met een aantal collega’s met wie ik de cursus mediawijsheid doe, ga ik ook nog proberen iets te ontwikkelen voor deze groep.

Maar ik ben te somber over de hele groep. Het rapport Digital Literary and safety skills (pdf) uit 2011 - over een onderzoek onder 25.000 kinderen - is er heel duidelijk over: vooral de groep kinderen tussen 11 en 13 jaar kan niet goed met internet overweg. Websites vergelijken om te beslissen welke informatie correct is, kan in die leeftijdsgroep maar zo’n 45% van de leerlingen. Het veilig gebruiken van internet scoort iets hoger, net boven de 50%. Toch schrikbarende cijfers. Maar bij de gymnasiasten en vwo-leerlingen zie ik nog steeds heel goede leerlingen die precies weten wat ze doen. Die zelfs enthousiast zijn als ze merken dat we een grote collectie bladmuziek hebben. Die fanatiek boeken lezen. Ik denk dat dat maar een kleine groep is, tussen de 10% en 20%. Maar is dat niet altijd zo geweest?

Agnes Klitsie

Overigens verscheen er recent een artikel over PIM op de Amerikaanse website Public Libraries Online, getiteld  'Picturing Classification The Evolution and Use of Alternative Classification in Dutch Public Libraries'. (Red.)


Print deze pagina

Reacties op dit artikel (9)

Arda Nieuwland
21-5-2013 12:47
Wat ik  nu denk is iets wat ik al jaren denk, nog uit de tijd dat ik zelf in de bibliotheekwereld werkte, maar ook als lezer: waarom wordt er niet aan gewerkt om de catalogus zó te maken dat hij meer op Google lijkt? Al was het alleen maar dat je als je zoekt naar Hoogstraten de vraag krijgt: bedoelt u misschien Hoogstraaten? Dat is niet alleen handig voor scholieren, maar voor iedereen. Het zal ongetwijfeld moeilijk te programmeren zijn, maar daar is bibliotheek.nl toch juist voor, met al zijn deskundigen? Nu is mijn strategie vaak: eerst googelen tot ik de preciese naam en titel heb en dan naar de catalogus. Maar is dat voor de bibliotheek niet een beetje beschamend, eigenlijk?
Kees van Hensbergen
21-5-2013 14:23
Ben het eens met de bovenstaande reactie, maar zou nog een stap verder willen gaan.
Niet alleen de zoekstrategie moet op google gaan lijken, maar de inhoud zou betrouwbaarder moet zijn dan google. Niet alleen titel-informatie, maar ook content. Een betrouwbaar tegenwicht voor de mix van informatie en commercie die google is. Is dat niet van oudsher een belangrijke taak van de bibliotheek, een onafhankelijke gids in de informatie-jungle ?
Agnes Klitsie
22-5-2013 09:31
Dag Arda en Kees, dit artikel schrijf ik natuurlijk vooral voor de NBD met in mijn achterhoofd "doe hiet eens iets aan". Ik gebrijp ook niet waarom dit niet kan. Ik ga, net als Arda, eerst vaak naar Google, maar ik ben bang dat heel veel vakgenoten dat ook niet eens doen. Er liggen nog vele schone taken voor de bibliotheekwereld. Agnes
Natasja
22-5-2013 15:05
Herkenbaar, vooral ook van die typefouten, het niet groter maken van het scherm en het zoeken op voornaam. De oplossing moet van twee kanten komen. Een gebruiksvriendelijke catalogus met daarbij een overzichtelijke mediatheek. En daarnaast een goede instructie voor de leerlingen in de vorm van lessen zoekvaardigheid.
Katrien van de Bajesbieb
23-5-2013 13:07
Zo leuk om te lezen Agnes!
Dat ''hoe zoek je in een telefoonboek?'' uit de tijd is was nog niet tot me doorgedrongen, maar het is logisch inderdaad...
Ook  leuk om de reacties van Arda en de anderen te lezen; helemaal mee eens dat wij de informatieontsluiters bij uitstek (zouden moeten) zijn.
Beste groeten uit de bajes
(om met Jill Stolk te spreken)
Katrien
bibliothecaris
3-6-2013 22:05
Nou dat schiet niet op. Google is al net zo slecht als de catalogus. Zoek ik op Hoogstraten. Niks geen suggesties of ik misschien Hoogstraaten bedoel. Alleen maar informatie over dat Vlaamse stadje. Nog erger: ook als ik Hoogstraaten intik, komt Vlaanderen weer bovenaan. Misschien een ander, minder literair voorbeeld ;-)
Alfred
9-6-2013 15:19
Ik heb niets van doen met een Bieb.
Maar ik lees in de vorige reacties iets te vaak Google. Google is een zoekmachine om "iets" op internet te vinden. Als ik informatie zoek, en dat doe ik heel veel, zoek ik in Wikipedia. Misschien goed om de jeugd dat verschil eens duidelijk maken.
Ook vroeger zocht je ofwel in de gele gids, danwel in de winkler prins, afhankelijk van wat je zocht.
Jan Crienen
12-6-2013 16:15
Inderdaad erg herkenbaar. Al jarenlang trouwens. En ik ben niet optimistisch voor de nabije toekomst: zolang het onderwijs geen belangstelling heeft voor betere zoekvaardigheden van de schooljeugd blijft  het dweilen met de kraan open in 'bibliotheekland'
agnes klitsie
15-6-2013 15:36
Beste bibliothecaris,
het voorbeeld van Theo Hoogstraaten was een illustratie bij het feit dat kinderen niet goed lezen, niet een google voorbeeld. Agnes Klitsie PS ik denk dat als je Theo Hoog...begint Google het wel meteen zal 'pakken".

Schrijf een reactie

Naam
E-mailadres (?)
Reactie
 

Gerelateerde informatie