HomeRubriekenArtikel
voetnoot

VNG-middag: spanning tussen bezuinigingen en wetsartikelen; Digitale bibliotheek met DigiD

Wim Keizer
17-04-2015
VNG-middag: spanning tussen bezuinigingen en wetsartikelen; Digitale bibliotheek met DigiD
Wat krijg je als je in een tijd van flinke gemeentelijke bezuinigingen een wet vol goede bedoelingen maakt die duidelijk een politiek compromis is tussen enkele Nederlandse uitersten als SP en VVD en die voor meerdere interpretaties vatbaar is? Het antwoord is: spanningen
Een groot deel van de door de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) op 16 april in Driebergen georganiseerde bijeenkomst over de Wet stelsel openbare bibliotheekvoorzieningen (Wsob), waar ook de door de VNG gemaakte handreiking 'Lokaal bibliotheekwerk' besproken werd, ging over die spanningen. Dat gebeurde na het plenaire gedeelte met name in een ‘Verdiepingsworkshop VNG-handreiking’, waar behalve de doelgroep wethouders en ambtenaren o.a. ook Thijs Kuipers van Questum en Theo Doreleijers van Karmac Bibliotheek Services aanwezig waren. Naast deze workshop waren er drie andere: aanpak laaggeletterdheid, rol bibliotheek in sociaal domein en ondernemend bibliotheekwerk. Bibliotheekblad.nl koos voor de verdiepingsworkshop.

De SP had gewild dat elke Nederlandse gemeente verplicht is een openbare bibliotheek in stand te houden. Maar dat was politiek en financieel niet haalbaar en staat niet in de Stelselwet. De wet kent ook geen sancties. Wel zegt de wet dat, als een gemeente een openbare bibliotheek in stand houdt, die bibliotheek vijf functies (artikel 5) moet omvatten en moet meedoen aan een aantal netwerkbepalingen (artikel 8), zoals gebruikmaken van een gezamenlijke catalogus en onderdeel zijn van het interbibliothecaire leenverkeer. Ook zegt artikel 6 dat een gemeente die de bibliotheek wil opheffen eerst overleg met de andere partijen moet voeren op wie dit besluit van invloed kan zijn.
De VVD had wel de digitale bibliotheek als taak van de Koninklijke Bibliotheek (KB) willen regelen, maar verder aan gemeenten geen verplichtingen willen opleggen. Maar nu die er wel zijn, met name in de vorm van artikelen 5, 6 en 8, kwam natuurlijk de vraag wat die verplichtingen precies betekenen en wat er gebeurt als een gemeente zich er niet (helemaal) aan houdt. Het antwoord was dat er geen echte sancties zijn, maar dat zo’n bibliotheek dan niet meer mag deelnemen aan ‘het stelsel’. Zo’n gemeente zou dan de KB op bezoek kunnen krijgen, want die stuurt volgens artikel 9 het netwerk aan en heeft ook een monitorfunctie. Maar gemeenten die bewust kiezen voor een commerciële aanbieder die zich niet wil of kan houden aan wettelijke verplichtingen of voor een volledige vrijwilligersbibliotheek, waren toch al niet van plan mee te doen aan het stelsel, dus hoe erg vinden ze het dan dat die bibliotheek geen lid mag zijn van de Vereniging van Openbare Bibliotheken (VOB) of niet kan meegenieten van de geneugten van KB-innovaties?

Lidmaatschap
Het eerste punt waar in de verdiepingsworkshop een korte discussie over ontstond was het lidmaatschap. Toelichter en gespreksleider Alwien Bogaart van de DSP-groep, mede-opsteller van de handreiking, vertelde dat er drie varianten zijn: alleen lid zijn van een fysieke bibliotheek, alleen lid zijn van de landelijke digitale bibliotheek of lid zijn van beide. Om lid te worden van de digitale bibliotheek, hoef je geen lid te zijn van een fysieke bibliotheek. De tekst van de handreiking zegt: ‘In de Wsob is geborgd dat burgers zowel direct als via de lokale bibliotheek toegang kunnen krijgen tot de digitale bibliotheek. De digitale bibliotheek omvat rechtenvrije en auteursrechtelijk beschermde content. De rechtenvrije content is voor iedereen vrij toegankelijk. Voor de toegang tot auteursrechtelijk beschermde werken en diensten is een gebruikersregistratie vereist. Iedereen die in Nederland als ingezetene is ingeschreven, kan zich als gebruiker van de digitale bibliotheek laten registreren. Het is daarbij niet noodzakelijk lid te zijn van een fysieke bibliotheek. Op dit moment is nog niet bekend wat de kosten worden van het lidmaatschap van een digitale bibliotheek. Dat zal in de loop van 2015 bekend worden.’ Bogaart wist er aan toe te voegen dat inloggen bij de digitale bibliotheek straks kan met de DigiD-inlogcode.

Een wethouder was bezorgd over de digitale bibliotheek. ‘We hebben een uitname uit het gemeentefonds gehad om landelijk e-books mee te kunnen kopen voor de digitale bibliotheek. Onze burgers verwachten dat ze in de digitale bibliotheek hetzelfde zullen aantreffen als in hun fysieke bibliotheek, maar dat blijkt niet zo te zijn. Uitgevers hebben het recht om e-books voor de digitale bibliotheek te weigeren.’ Het antwoord was dat e-books nu eenmaal niet onder de bepalingen over uitlenen in de Auteurswet vallen.

Vijf functies
Wethouders van met name plattelandsgemeenten zonder duidelijke hoofdkern meenden dat de Stelselwet vooral geschreven lijkt te zijn voor grote steden, want daar is het veel makkelijker om de bibliotheek aan alle vijf functies te laten meedoen dan in plattelandsgebieden. En wat gebeurt er als een buurthuis in één van de kernen al prima voorziet in de ontmoetingsfunctie, moet de bibliotheek dat dan ook nog eens gaan doen? Het antwoord was dat er nuanceringen zijn. Niet elke vestiging hoeft iets te doen, het geldt alleen voor de bibliotheek als organisatie. De wet zegt ook niet hoe intensief een functie moet zijn. En niet alles hoeft tegelijk. Verder mag je functies delen met andere organisaties. Jamil Jawad van de VNG wees ook op de certificeringsnorm 2014-2017 waarin wetsbepalingen verweven zijn, maar had er geen antwoord op wat er gebeurt als een gemeente zich er niet helemaal aan houdt. ‘Het zal moeten blijken in de praktijk, we zullen het zien’. Hij wees op de horizontale democratie. Het is aan de gemeenteraad te bepalen wat er gebeurt en dan is er ergens de KB die er iets van kan vinden.

Deelnemen aan netwerk
Bogaart noemde nog eens de zes netwerkpunten uit artikel 8 van de wet en meldde dat er aanbieders zijn die zeggen dat het anders kan, bijvoorbeeld dat het interbibliothecaire leenverkeer (IBL) heel duur is en dat daar weinig gebruik van gemaakt wordt. Waarom is er dan zo’n gezamenlijke catalogus nodig? Hij meldde ook wat de implicaties zijn van ‘buiten het stelsel vallen’ (geen toegang tot digitale infrastructuur, geen steun KB, geen IBL, geen lidmaatschap VOB), maar voegde aan toe: ‘maar ja, dat wilden ze toch al niet.’
Thijs Kuipers zei dat hij in een coöperatie samenwerkt met andere partijen en daarmee in staat is aan de wet te voldoen, maar had wel grote moeite met het IBL. ‘Het is een prachtig concept, maar enorm duur. Het IBL maakt maar 2% van het totale aantal uitleningen uit en er gaan vele miljoenen in om. Een IBL-uitlening kost € 38. Dit systeem is ten dode opgeschreven. En Karmac zegt dan: we kopen het boek wel.’ Kuipers wees er ook op dat door het dalende aantal uitleningen de subsidie per uitlening in sommige gevallen al hoger is dan de waarde van het boek.

Benchmark
Naar aanleiding hiervan bleek dat gemeenten veel behoefte hebben aan een goede benchmark. Ze klaagden over gebrek aan vergelijkbare cijfers en hoopten dat de komst van concurrentie door commerciële aanbieders meer transparantie zal geven en de bibliotheken zullen dwingen met betere cijfers te komen. Ook artikel 11 van de Stelselwet bepaalt dat bibliotheken, PSO’s en KB aan OCW nader vast te stellen gegevens moeten leveren ten behoeve van beleidsontwikkeling.

Scheuren in basisbibliotheken
Bogaart meldde dat er gevallen zijn waarbij basisbibliotheken die door meerdere gemeenten in stand worden gehouden onder druk staan. Er zijn gemeenten die het veel goedkoper willen en uit de samenwerking stappen. Een wethouder vond dat een raar verhaal en zag juist voor zijn gemeente (in de provincie Utrecht) de schaalvoordelen van samenwerking in een basisbibliotheek. Hij wees ook op de voordelen van het provinciale gezamenlijke collectiebeleid. ‘Je kunt verdienen door juist meer samen te werken in plaats van minder.’

Inspirerende voorbeelden
Het plenaire gedeelte, voorafgaand aan de workshops, begon met een inleiding van OCW-minister Jet Bussemaker. Zij kwam met inspirerende voorbeelden van goed bibliotheekwerk, zoals de nieuwe bibliotheek (‘People’s Palace’) van Birmingham. Maar ook samenwerking in Noord-Fryslân en de bibliotheek van Amersfoort in het Eemhuis. ‘Gemeenten hebben er veel taken bijgekregen, u hebt de handen vol, maar de bibliotheek kan u helpen met zelfredzaamheid en participatie. De bibliotheekwet biedt daar ook de ruimte voor.’ Ze wees er op zelf verantwoordelijk te zijn voor de digitale bibliotheek en dat ‘u’ het bent voor de fysieke bibliotheek, omdat ‘u’ de lokale behoefte goed kent en kunt bepalen hoe sterk u inzet op elk van de functies. Ze vroeg de zaal elkaar te vertellen wat er is aan experimenten en innovaties, met kansen en risico’s, en eindigde met: ‘Ik vraag u de bibliotheek te beschermen met heel uw hart’.

Wijkvestigingen dicht
Wethouder Sjoerd Feitsma (PvdA) van Leeuwarden met financiën en cultuur in z’n portefeuille liet duidelijk de spanningen zien die daarmee gepaard gaan. De gemeente moet € 3 miljoen bezuinigen waarvan € 450.000 op de bibliotheek en zocht het in sluiting van drie wijkvestigingen. De gemeente wil minder vierkante meters aan gebouwen en goed kijken naar kerntaken en functies. Gekeken is of functies konden worden ondergebracht bij andere voorzieningen. Hij noemde huiswerkbegeleiding voor kinderen, wat in een wijkcentrum kan. Volwassen gebruikers moeten een eindje verder fietsen en voor de minder mobielen kan samen met het openbaar vervoer naar oplossingen worden gezocht. Feitsma: ‘Je kunt bezuinigingen toepassen als je goed nadenkt over de relevantie van bibliotheekwerk en zorgt dat functies niet verloren gaan. Die functies gaan verder dan het uitlenen van boeken.’
In een door dagvoorzitter Peter van Eijk geleide discussie met Bussemaker en Feitsma werd daar nog wat nader op ingegaan, waarbij Feitsma gelaagdheid en grensoverschrijdend denken belangrijk noemde: terug in aantal vestigingen, kijken waar volstaan kan worden met een servicepunt of een bibliobus en kijken in welke grotere plaatsen je stevige vestigingen wilt hebben.

Vastgoed
Het bleek dat bij veel gemeenten discussies over ‘het vastgoed’ heel belangrijk zijn en men zoekt naar allerlei oplossingen, zoals combinaties van functies. Gevraagd werd of je er alleen komt met minder vierkante meters of dat er ook op personeel bezuinigd moet worden. Feitsma antwoorde dat het ook gaat om personeel: minder mensen, met ook een andere inzet. Maar het grootste aandeel in de bezuinigingen zit in de vierkante meters aan gebouwen. Bussemaker vond dat er qua benutting van vaak ongebruikte gebouwen nog een wereld te winnen is: ‘Minder is niet altijd schraler, maar ook integraler.’ Feitsma zei dat je ook moet oppassen voor verdubbelingen: als er al professionals zijn die laaggeletterdheid bestrijden, hoef je er ook de bibliotheek niet nog voor in te schakelen.

Efficiency
Vervolgens liep Rento Zoutman van de DSB-groep de handreiking door. In de vragen erna kwam ook vooral weer de vierkante meters naar voren, met als voorbeeld een combinatie van theater, volksuniversiteit en bibliotheek, met horecafunctie, in één gebouw waardoor je meer efficiency uit je vastgoed kunt halen.

Tekst: Wim Keizer

Voor de tijdens de bijeenkomst in Driebergen gehouden presentaties, zie hier.



Reacties op dit artikel (0)

Er zijn nog geen reacties.

Schrijf een reactie

Naam
E-mailadres (?)
Reactie
 

Gerelateerde informatie

Gastblog

De bibliotheek: een derde plek als tweede huis Dionne Dinkhuijsen

Met een kopje koffie en een krantje de dag beginnen in onze bibliotheek in Noordwijk. Voor vader en zoon is het vaste prik. Of neem het gepensioneerde echtpaar Jan en Riet. Een paar keer per week komen ze naar de Bibliotheek in Teylingen. Hij neemt de post en de administratieklussen mee en zij haar... Lees verder