HomeRubriekenArtikel
voetnoot

Alle kinderen hebben recht op een cadeau voor het leven

Maarten Dessing
22-11-2013
Alle kinderen hebben recht op een cadeau voor het leven
Stichting Lezen bestaat 25 jaar en vierde dit op 20 november in De Nederlandsche Bank in Amsterdam. Vijfentwintig jaar leesbevordering heeft veel opgeleverd. Maar hoewel er veel is bereikt, is er nog altijd veel werk te verzetten, aldus directeur Gerlien van Dalen. 
Toegang tot bibliotheken is de belangrijkste voorwaarde voor het ontwikkelen van een goede leesvaardigheid. Dat zei de Amerikaanse emeritus hoogleraar educatie Stephen Krashen van de University of Southern California tijdens zijn key note-speech. Al decennia bewijst het ene onderzoek na het andere dat geconcentreerd lezen uit plezier het positiefste effect op de leesvaardigheid heeft. Daarvoor is toegang tot boeken cruciaal. Voor veel kinderen - variërend van 33% tot 90%, afhankelijk van het onderzoek - geldt dat alleen bibliotheken die toegang verschaffen.

‘Iedereen in deze zaal weet wat de enorme voordelen van een goede leesvaardigheid zijn op de welvarendheid of de gezondheid’, zei Krashen. ‘De overheid zou dus veel meer geld aan bibliotheken moeten geven. Het is goed voor de economie. Helaas doet de overheid in werkelijkheid precies het tegenovergestelde: geld weghalen bij de bibliotheek en investeren in technologieën en toetsen om de leesvaardigheid te vergroten. Terwijl instructie een negatief effect heeft. Hoe meer leesles kinderen krijgen, hoe slechter het is.’

Nog altijd noodzakelijk
Krashen was niet de enige spreker die het gehoor van overtuigde leesbevorderaars opnieuw probeerde te overtuigen van het belang van leesbevordering. Op het feestje van Stichting Lezen werd de tijd hoofdzakelijk besteed aan het onderstrepen van het eigen belang. Maar: niet zonder inspiratie. Alle sprekers waren, ieder vanuit zijn eigen rol, bevlogen leespromotors. Evenmin was kritiek taboe. Er is nog steeds veel werk te verrichten. Gerlien van Dalen, directeur van Stichting Lezen, somde het op: de samenwerking met het veld kan beter, het rendement kan beter, het beleid kan efficiënter. Zoals iedere organisatie altijd beter kan opereren.

Er is in vijfentwintig jaar veel bereikt, vertelde Van Dalen. Stichting Lezen heeft het concept van de doorgaande leeslijn ontwikkeld om stap voor stap de leesmotivatie en leesvaardigheid te vergroten. De resultaten worden gemonitord en verzameld en de beschikbare kennis gedeeld. Maar nog altijd verlaat 25% van de leerlingen de basisschool met een onvoldoende leesniveau. Nederlandse middelbare scholieren zijn internationaal gezien het minst gemotiveerd om te lezen. ‘Leesbevordering is dus nog altijd noodzakelijk. Alle kinderen hebben het recht op een cadeau voor het leven. Want dat is lezen.’

Nieuwe schoolbibliotheken
Niet voor niets blijft Stichting Lezen nieuwe initiatieven ontplooien. Zo zei Van Dalen de mogelijkheden te bestuderen om een tweede leerstoel in te stellen. En al heeft Stichting Lezen al 118 samenwerkingsverbanden, eentje kan er altijd nog bij. 

Tijdens de bijeenkomst las Mees van Santen, de Nationaal Voorleeskampioen, als verrassing een persbericht van Stichting Kinderpostzegels Nederland voor: zij stellen volgend jaar geld beschikbaar om 100 lagere scholen in achterstandsgebieden te voorzien van een nieuwe schoolbibliotheek: nieuwe kasten én nieuwe boeken. De oudste kinderen krijgen bovendien een boekenbon om een boek aan te schaffen voor thuis.

Te snel labelen
Ook Prinses Laurentien, die binnenkort haar Stichting Lezen & Schrijven na tien jaar verlaat, had nog wensen. Er wordt te veel van kinderen verwacht, vertelde zij, dat zij allemaal volgens één methode en op dezelfde snelheid leren lezen. Als hen dat niet lukt, krijgen ze te snel het stempel: dyslectisch. Dat label is het startpunt van een negatieve spiraal van lage verwachtingen, laag zelfvertrouwen en slechtere prestaties. Daarom moet worden voorkomen dat kinderen te snel worden gelabeld. Daarnaast moet ‘de leesgemeenschap’ het sociale en economische belang van lezen sterker benadrukken. Juist in deze tijd waarin alles op het resultaat onder de streep wordt afgerekend.

Grenzen verleggen
Het leukste onderdeel van het programma waren de getuigenissen van drie prominenten over het belang van lezen in hun leven: universiteitshoogleraar Alexander Rinnooy Kan, schrijver en oud-voorzitter van Stichting Lezen Jan Terlouw en tweevoudig Gouden Griffel-winnaar Simon van der Geest. Allemaal wisten ze nog hoe ze betoverd werden door boeken. De baard van Daantje van Leonard Roggeveen, voor Jan Terlouw. ‘Dat was voor de Tweede Wereldoorlog. Alleen al het feit dat ik dat nog weet, bewijst wat voor een verrijking voor het leven lezen is.’

Van der Geest vertelde dat hij - in het oprichtingsjaar van Stichting Lezen, toen hij tien was - een halfuur later naar bed mocht dan zijn broertje. Toch ging hij tegelijk, zodat hij zijn broertje kon voorlezen. Uren las hij achter elkaar door, zo meegevoerd door het verhaal dat hij niet merkte dat zijn broertje al lang in slaap was gevallen. ‘Ik besef nu hoe dat ons heeft veranderd. We verlegden de grenzen van ons voorstellingsvermogen. We konden binnen de veiligheid van het boek in ons huis verdwalen en zo, bij terugkomst, echt zien wat dat was. Het hielp ons te ontdekken wie we echt zijn.’

Tekst: Maarten Dessing



Reacties op dit artikel (0)

Er zijn nog geen reacties.

Schrijf een reactie

Naam
E-mailadres (?)
Reactie
 

Gerelateerde informatie

Gastblog

Vakantie in de bieb Amber Arnoldus

Terwijl het gros van Nederland vakantie viert en een hittegolf over ons land valt, denken wij alweer na over de jeugdactiviteiten voor het komend seizoen. De bieb is in beweging.  Lees verder