HomeNieuwsNieuws uitgelichtBericht
voetnoot
Bijeenkomst Plusbibliotheken en PSO’s bij OCLC; nog veel vragen
Wim Keizer
09-07-2015
Wat betekent de afspraak die de Koninklijke Bibliotheek (KB) en OCLC in januari 2015 hebben gemaakt om voor de totstandkoming van een nieuwe, meerjarige overeenkomst aansluiting op het door het UKB (samenwerkingsverband universiteitsbibliotheken en KB) ingezette traject naar OCLC-WorldShare een belangrijk uitgangspunt te laten zijn? Het gaat bij deze overeenkomst om de ondersteuning van de ‘landelijke digitale bibliotheek’ en de onderliggende infrastructuur voor openbare bibliotheken.
Kan OCLC-WorldCat (onderdeel WorldShare) de openbare bibliotheken qua eigen metadata hetzelfde bieden als het huidige Gemeenschappelijke Catalogiseersysteem (GGC) van OCLC?
Hoe gaat het transitieplan voor de verplaatsing van de onderliggende GII-infrastructuur naar WorldShare er voor de openbare bibliotheken uitzien?
Brengt de nieuwe landelijke digitale infrastructuur (op den duur) kostenbesparingen voor de openbare bibliotheken met zich mee?
Deze en andere vragen waren voor de Plusbibliotheken aanleiding om op 19 juni een themadag bij OCLC te organiseren, bestemd voor directies en stafleden van de Plusbibliotheken en de Provinciale Serviceorganisaties (PSO’s). De bibliotheekpers was niet uitgenodigd, maar de gehouden inleidingen zijn te vinden op de site van de Plusbibliotheken (v/h Wetenschappelijke Steunfunctie, WSF). Enige contextualisering was mogelijk met behulp van tipgevers.

Nieuwe overeenkomst nodig
Bibliotheekblad.nl berichtte 16 februari over het voornemen van KB en OCLC, zoals dat gemeld stond op de OCLC-site: het contract dat Bibliotheek.nl (BNL) in februari 2012 met OCLC sloot over gebruik van het GGC liep 31 december 2014 af. Het contract was toen nodig om ‘een stevig fundament’ te leggen onder de Nationale Bibliotheek Catalogus (NBC+), zo zei BNL in 2012. Bij de voorbereidingen voor een nieuwe overeenkomst is niet meer het GGC maar Worldshare een belangrijk uitgangspunt.

Gezamenlijke visie nodig
Enno Meijers van de KB was 19 juni één van de inleiders. Hij zei o.a. dat één van de doelen van het afstemmingsproces KB/OCLC is een gezamenlijke visie te ontwikkelen op de rolverdeling tussen OCLC en KB voor de levering van infrastructurele diensten aan de openbare bibliotheken (lokaal, nationaal, globaal). Andere in zijn presentatie (ppt) genoemde doelen zijn: globale ‘roadmaps’ en planningen voor de huidige diensten op het gebied van metadata-management, ‘discovery’ en ‘resource sharing’. En verder samenwerking tussen KB en OCLC om de zichtbaarheid van de bibliotheekcollecties via 'Linked Data' te vergroten.
Voor elk thema is een kernteam van KB- en OCLC-specialisten gevormd. Daarnaast komt er extra verdieping. Voor metadata-management is met een KB/OCLC-werkgroep metadata ingezoomd op de primaire processen van openbare bibliotheken. Voor ‘resource sharing’ (‘IBL’) brengt een extern onderzoeker de vraagkant scherper in beeld. Voor infrastructuur kijken OCLC en KB naar vergelijkbare ontwikkelingen in het buitenland (Denemarken, Ierland, Vlaanderen).

Architectuurschets
Als ‘tussenstand’ van het afstemmingsproces meldde Meijers dat diverse trajecten nog lopen, maar dat afronding eind september zal plaatsvinden. Metadata-management is meest concreet, maar OB volgt (U)KB. De ‘nationale digitale bibliotheek’ vraagt volgens hem om geïntegreerde oplossingen voor ‘discovery’ voor alle ‘publiek gefinancierde bibliotheekcollecties’. De sleutel tot een juiste oplossing is de juiste schaal en dat betekent antwoord op de volgende vraag: wat moet op welk niveau (lokaal, nationaal en globaal)? Er is een architectuurschets nodig van een geïntegreerde digitale bibliotheek-infrastructuur.

Welke keuzes digitale bibliotheek?
Saskia Leferink van OCLC vertelde dat de nadere invulling van een nieuwe overeenkomst tussen KB en OCLC ten behoeve van de openbare bibliotheken afhangt van de regierol van de KB voor openbare bibliotheken op basis van de Stelselwet, van de ontwikkeling en verdere keuzes voor wat zij noemde de ‘Digitale Bibliotheek Nederland’ en van de vraag wat er van die digitale bibliotheek straks landelijk is en wat er lokaal is. De nieuwe overeenkomst moet vanaf 2016 de basis worden voor de ondersteuning van metadata-management, interbibliothecair leenverkeer (IBL) en ‘discovery’ en tevens een plan bevatten voor de transitie naar het WorldShare-platform.

Waarde WorldShare
Zij meldde dat de waarde van WorldShare voor openbare bibliotheken is dat het een fundament is voor de toegang tot kennis en informatie. Bibliotheken of de bibliotheekbranche hoeven deze niet meer lokaal, nationaal of internationaal zelf te organiseren. De zichtbaarheid van collecties en dus de relevantie van de bibliotheek wordt vergroot. De efficiency van werkprocessen wordt verhoogd en daarmee de (beheer)kosten voor bibliotheken verlaagd.
Aan het eind van de presentatie van OCLC (pdf) staan drie sheets: de huidige situatie (centrale rol GGC), de situatie na de transitie voor het UKB naar WorldShare (KB en UB’en op WorldCat in plaats van GGC) en een eindsituatie (ook NBD Biblion en alle bibliotheeksystemen op WorldCat).

Drie klantlagen
Elsbeth Kwant van de KB gaf een toelichting op het KB-beleidsplan 2015-2018. Daarin wordt gesproken over de ‘nationale digitale bibliotheek’. Zoals eerder werd vermeld, ziet de KB aan de klantenkant een piramide met drie lagen. Eerst alle 17 miljoen Nederlanders van wie er een kleine 4 miljoen lid van een openbare bibliotheek zijn. Dan de doelgroepen die gericht zijn op onderzoek en wetenschappelijke informatie (momenteel ca. 1 miljoen, vaak solo-onderzoekers en vrijetijds-historici). Als derde groep de wetenschappers en ontwikkelaars die de grote tekstuele datasets gebruiken die de KB de afgelopen jaren samen met partners heeft opgebouwd. De KB gaat ervan uit dat de klant één bibliotheek – als een geheel aan mogelijkheden waar hij/zij toegang toe krijgt – kan ervaren. Qua bronnen en collecties ziet de KB drie domeinen: het wetenschappelijke domein, het erfgoeddomein en het openbare-bibliotheekdomein.

Engelstalig
Marc van den Berg, directeur bibliotheek- en IT-services van de Universiteit van Tilburg, legde uit waarom het UKB heeft gekozen voor WorldShare: meer efficiency, hogere kwaliteit, overweg kunnen met Linked Open Data. Als mogelijk nadeel noemde hij wel dat in WorldCat alles wordt gecatalogiseerd in het Engels en er dus minder verbondenheid met de Nederlandse taal is.

Eengemaakt systeem in Vlaanderen?
Saskia Scheltjens, faculteitsbibliothecaris van de Universiteit van Gent, meldde over de Vlaamse openbare bibliotheekwereld dat er druk bestaat om qua bibliotheeksystemen de provinciale tussenlaag af te bouwen. Er zijn rapporten van het Vlaamse Bibnet over een gemeenschappelijke systeemarchitectuur en een ‘eengemaakt bibliotheeksysteem’ in Vlaanderen. Zie ook de bespreking van Mark Deckers (Rijnbrink) van deze Vlaamse rapporten (blogs 8 en 9 juli en later).

Vragen

Na de bijeenkomst bleven nog veel, ook fundamentele, vragen onbeantwoord. Die vragen kwamen ook in de bijeenkomst zelf al aan de orde, zoals: hoe vult de KB haar regiefunctie in en wat moet een ‘nationale digitale bibliotheek’ allemaal kunnen? Welke ambities hebben de openbare bibliotheken zelf op digitaal gebied?

Overleg OCLC/KB en KB/VOB
KB en OCLC zijn, zoals gemeld, druk aan het overleggen. Daarnaast overlegt de Vereniging van Openbare Bibliotheken (VOB) namens haar achterban elke maand met de KB. Onderdeel daarvan is de landelijke digitale infrastructuur, met als belangrijk vraagstuk: wat betaalt OCW en wat blijft of komt er voor rekening van de bibliotheken en de PSO’s? Het kader voor de gesprekken tussen VOB en KB wordt gevormd door een VOB-notitie (pdf) over de landelijke digitale infrastructuur vanuit het perspectief van de openbare bibliotheken. Deze notitie (advies aan VOB-bestuur) is gemaakt door een werkgroep onder leiding van Ap de Vries. De notitie is in handen van Bibliotheekblad. Het stuk is een vervolg op het door de VOB-commissie Digitale ontwikkeling vorig jaar september uitgebrachte zespuntenplan (pdf), waar Bibliotheekblad in januari 2015 over berichtte. Op zijn beurt leunde het zespuntenplan weer op een onderzoek van Maurits van der Graaf (bureau Pleiade) over de toekomst van de Nationale Bibliotheek Catalogus (NBC+). Daarin bepleit Van der Graaf om op lokaal of provinciaal niveau over te gaan tot ‘multi-tenant’-automatiseringssystemen of ‘lightweight’-systemen, omdat er inmiddels op digitaal terrein veel meer landelijk mogelijk is (lenersadministraties, catalogi). Blijkens de Vlaamse rapporten wordt daar inmiddels een stap verder gedacht.

Tekst: Wim Keizer


Print deze pagina

Reacties op dit artikel (0)

Er zijn nog geen reacties.

Schrijf een reactie

Naam
E-mailadres (?)
Reactie
 

Gerelateerde informatie

Peiling

Niets dodelijkers dan een landelijke huisstijl
Eens
Oneens
In nummer 9 van Bibliotheekblad stelt Sjaak Driessen, als directeur per 1 december afscheid nemend van de Bibliotheek Wageningen,...
Lees meer en geef uw mening