HomeNieuwsNieuws uitgelichtBericht
voetnoot
'Toegankelijkheid is niets bijzonders'
Martin Bobeldijk
08-06-2015
In Bibliotheekblad nr 5 verscheen het artikel 'Wij claimen toegankelijkheid niet expliciet', waarin ingegaan wordt op de toegankelijkheid van openbare bibliotheken voor mensen met een beperking. In vervolg daarop verschijnt op deze website de komende weken een serie van vijf artikelen waarin gekeken wordt naar de toegankelijkheid van bibliotheken. In dit eerste artikel spreken we met het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen (OCW), het Sector Instituut Openbare Bibliotheken (SIOB, per 1 januari opgegaan in de Koninklijke Bibliotheek) en de Vereniging van Openbare Bibliotheken (VOB).
'Toegankelijkheid is niets bijzonders'
In 2015 zal het Kabinet het ‘VN-verdrag voor rechten van mensen met een beperking’ ratificeren. Nederland zal dan de gemaakte afspraken gaan realiseren. Volgens onderzoeksbureau SEOR geldt de publieke sector, waaronder bibliotheken, daarbij als voorbeeld.

Landen die het VN-verdrag uit 2006 geratificeerd hebben, erkennen daarmee de rechten van mensen met een beperking. Ook zullen zij er voor zorgen dat die rechten en fundamentele vrijheden op voet van gelijkheid worden bevorderd, beschermd en gewaarborgd. Het verdrag gaat onder andere uit van persoonlijke autonomie, keuzevrijheid en volledige participatie en opname in de maatschappij. 127 landen werken inmiddels aan de realisatie van de gemaakte afspraken. Nederland heeft het verdrag wel ondertekend, maar is nog nooit tot ratificatie, en daarmee implementatie, van de afspraken overgegaan. Dat staat volgens het regeerakkoord uiterlijk aankomende zomer te gebeuren. Volgens het SEOR-onderzoek ‘Economische gevolgen van ratificatie van het VN-verdrag Handicap’ is er voor de publieke sector niet direct aanleiding om extra maatregelen te nemen. Hoe komt het dat deze sector voorop loopt? En hoe pakt dat in de praktijk bij bibliotheken uit?

Uitgangspunt in de wet
Het Ministerie van OCW laat bij monde van Marcel Eijffinger weten dat de Rijksoverheid het van groot belang acht dat openbare bibliotheken voor iedereen goed toegankelijk zijn, 'dus ook voor personen met een leesbeperking of andere handicaps'. Daarom is dit uitgangspunt in de nieuwe Wet stelsel openbare bibliotheken (2015) verankerd. Eijffinger: 'Deze wet is gebaseerd op het beginsel dat iedere inwoner van Nederland toegang heeft tot informatie en cultuur. Iedereen moet dus gebruik kunnen maken van de fysieke en digitale dienstverlening van een bibliotheek.' Historisch gezien grijpt dit uitgangspunt terug op de Nederlandse Grondwet, het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens en de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens. De Unesco heeft de algemene principes uit deze verdragen in 1994 vertaald naar opdrachten voor overheden en de bibliotheeksector. Dit ‘Manifest over de Openbare Bibliotheek’ ligt ten grondslag aan diverse bepalingen in de wet en het bibliotheekbeleid van OCW en SIOB.

Ideële kerntaak
'Naast wettelijke bepalingen wordt toegankelijkheid in bibliotheken geborgd door de ideële instelling van bibliotheekmedewerkers,' zegt Valerie Frissen, directeur-bestuurder van het SIOB. 'Het is de kerntaak van bibliotheken om informatie toegankelijk te maken, zodat mensen kunnen functioneren. Die toegang is cruciaal in onze informatiesamenleving. Bibliotheken doen er daarom alles aan om drempels letterlijk en figuurlijk weg te nemen.' Zo zijn bibliotheken volgens Frank Schrijvershof, directeur van Stichting Certificering Openbare Bibliotheken (SCOB), gericht op het toegankelijk maken en houden van hun gebouw. 'Toegankelijkheid maakt expliciet onderdeel uit van de certificeringsnorm die de branche en de gemeenten hebben vastgesteld en waar bibliotheken op getoetst worden.' Verder bieden bibliotheken programma’s aan om figuurlijke drempels te slechten, zoals de Bibliotheek op school voor leerlingen van het primair en voortgezet onderwijs, is er dienstverlening op het gebied van Aangepast Lezen voor mensen met een leesbeperking en zijn er programma's voor de bestrijding van laaggeletterdheid voor mensen met een taalachterstand. Frissen: 'Daarnaast stellen we toegankelijkheidseisen aan onze leveranciers en aan organisaties die wij subsidie verlenen.'

Koppositie bedreigd

Ap de Vries, directeur van de VOB, zegt dat bibliotheken toegankelijkheid niet claimen in hun marketing, omdat het niets bijzonders is. 'Dit zijn wij. Dit hoort bij ons. Het is voor ons helemaal geen issue. Intrinsiek willen wij iedereen toegang bieden tot informatie en kennis. Daarom is het beleid ook altijd geweest om naast een basisbibliotheek veel nevenvestigingen in een gemeente te hebben. Zodat de fysieke afstand beperkt blijft.' De toegankelijkheid van bibliotheken staat echter onder druk als gevolg van gemeentelijke bezuinigingen. Vestigingen sluiten. Hier en daar komen er wel kleinere bibliotheekpunten terug, maar daar wordt niet geïnvesteerd in dure faciliteiten voor mensen met een beperking. 'Gemeenten hebben geen visie op dit thema. Het moet vooral geld opleveren. Alleen in christelijke gemeenten zie je dat rekening gehouden wordt met speciale groepen.' Dit probleem valt volgens beleidsmedewerker Inge van Asperen deels op te lossen door nog meer in te zetten op online bestellen en reserveren. De bibliotheekwebsites zijn daarvoor geschikt. Ze voldoen aan de Webrichtlijnen en de nieuwste certificeringseisen stimuleren nog eens extra een digitaal toegankelijke dienstverlening. Vrijwillige fietskoeriers brengen en halen dan de boeken. 'Maar mensen moeten dan wel computervaardig zijn. En dat is bij deze kwetsbare doelgroep lang niet altijd het geval. Zij dreigen door de huidige ontwikkelingen op achterstand gezet te worden. Dat doet bibliotheekmedewerkers pijn…'

Tekst en foto: Martin Bobeldijk



Print deze pagina

Reacties op dit artikel (0)

Er zijn nog geen reacties.

Schrijf een reactie

Naam
E-mailadres (?)
Reactie