HomeNieuwsNieuws uitgelichtBericht
voetnoot
Wazigheid rondom WAAS nog niet weg
Wim Keizer
08-04-2011
'De eerste release van de WAAS (Website As A Service – wk) zal misschien niet voor iedereen meteen een volwaardig alternatief zijn voor de huidige website. Voor de grootste groep wel, daar ben ik van overtuigd. Maar voor sommigen ontbreekt misschien nog functionaliteit en anderen hebben misschien hun huidige platform economisch nog niet afgeschreven. Daardoor zullen gedurende een bepaalde tijd meerdere constructies naast elkaar blijven bestaan.'
Dat zegt Dennis Eijsten, manager Innovatie bij Bibliotheek.nl (BNL), in reactie op uitlatingen die Jan Klerk heeft opgeroepen met een blog-bijdrage op de forumwebsite Bibliotheek 2.0.
Jan Klerk, werkzaam bij de Stadsbibliotheek Haarlem, heeft het op zich genomen 'complexe verhalen rond de digitale infrastructuur en de aansluiting daarbij van de openbare bibliotheken op een begrijpelijke manier te vertellen in blogvorm. Zo transparant mogelijk en zo veel mogelijk aan de hand van de praktijk natuurlijk.' Bibliotheek.nl is daar akkoord mee gegaan, zodat Klerk nu opereert als blogger-in-residence van Bibliotheek.nl.
Pijnlijk
De eerste bijdrage, over de white label website infrastructuur (WLWI), riep meteen zo veel kritische reacties op dat Dennis Eijsten zich in de discussies is gaan mengen. Klerk doet niet aan zo veel mogelijk scheiding van feiten en meningen, nieuws en commentaar, maar zegt bijvoorbeeld dat de keus van Bibliotheek.nl voor een WAAS betekent dat bibliotheken afscheid moeten nemen van hun eigen CMS’en (zoals Joomla!, Bart en Drupal) waar hun huidige websites op draaien en dat dit afscheid nemen een pijnlijk proces is. Maar dat het ook heel bevrijdend kan zijn, omdat het veel tijd kan besparen die aan andere zaken kan worden besteed. Ook stelt Klerk zelf nog vragen. 'Het is echter voor de meeste bibliotheken lastig om afscheid te nemen van hun website op een moment dat het qua beeld en functionaliteit nog helemaal niet helder is wat je te wachten staat. Wat is bijvoorbeeld standaard en wat is flexibel? Dat zijn belangrijke vragen waar we ook in Haarlem graag antwoord op hebben,' aldus Klerk. 'We willen liever geen achteruitgang qua functionaliteit. Verder was onze navigatie mede gebaseerd op input van klanten. Hoe zit dat met de nieuwe site? Kortom, meer helderheid over de gekozen layout, de aanpak en specificaties van de WAAS zou welkom zijn. Hopelijk kan ik hierover en over de planning van de verschillende onderdelen in een volgend bericht meer informatie geven. De WAAS komt in elk geval in oktober beschikbaar voor de bibliotheken die het implementatietraject gaan doorlopen.'
Klerk wijst erop dat afwijken van de standaard kostenverhogend zal werken (en dat die kosten niet worden gedekt door OCW-subsidie). De WLWI is volgens hem een essentieel onderdeel van een ook door bibliotheekdirecteuren bepleit gezamenlijk gezicht. Hij doet de oproep: 'Beste bibliotheekdirecteuren, laten we nu doorpakken!'

Standaard
In het door Bibliotheek.nl op haar website gepubliceerde implementatiedraaiboek staat: 'Standaard is een aansluiting van de bibliotheek op een WAAS-constructie bij BNL. Dit houdt in dat de bibliotheeksite volledig bij BNL gehost wordt, waardoor de bibliotheek geen technisch en functioneel beheer meer heeft. De bibliotheek is alleen verantwoordelijk voor het contentbeheer. Voor een bibliotheek die niet in een WAAS-constructie meegaat, zal in onderling overleg bekeken worden hoe de aansluiting plaats gaat vinden.”
Verder wordt gemeld dat in principe direct de overgang naar de landelijke huisstijl wordt gerealiseerd.

Afwijkingen
Over afwijkingen merkt het draaiboek op dat bibliotheken die pas een nieuwe site hebben en nog kosten moeten afschrijven op een later moment de overstap op de WLWI mogen realiseren. Voor bibliotheken die niet kunnen overstappen op de landelijke huisstijl (bijvoorbeeld gemeentebibliotheek of bibliotheek díe onderdeel is van een culturele instelling) worden oplossingen gezocht. Eventuele extra kosten komen voor rekening van de bibliotheek.
Over WAAS zegt het draaiboek: 'Het kan in individuele gevallen voorkomen dat een bibliotheek niet wil kiezen voor een WAAS-constructie. Per situatie moet bekeken worden wat de gevolgen zijn van het niet deelnemen aan de WAAS (zoals mogelijk extra (structurele) kosten voor de bibliotheek) en hoe lang deze situatie zal voortduren.'

De nieuwe website van Bibliotheek Deventer (‘de ideale webpresence', gerealiseerd met OCW-projectsubsidie) is geafficheerd als een white label website (op basis van de toen bekende specificaties van BNL). Jan Klerk schrijft: 'Maar de in Deventer gekozen constructie is feitelijk iets heel anders dan de WAAS die op dit moment in opdracht van Bibliotheek.nl wordt gebouwd. Ook de Deventer huisstijl wijkt inmiddels af van de laatste versie. Dat is simpelweg een gevolg van voortschrijdend inzicht.' Jan meldt dat onderdelen van het Deventer traject op andere technische basis wel kunnen terugkeren in de WAAS.

Wie bepaalt spelregels?
Uit reacties blijkt dat niet iedereen blij is met dat voortschrijdend inzicht.
Jan de Waal (Bibliotheek Maasland) zegt: 'Waar we nu mee te maken hebben is dat landelijk de spelregels steeds veranderen. Dat goedgekeurde en bewezen concepten zoals Deventer niet voldoen aan de vernieuwde eisen, heeft ermee te maken dat men de uitgangspunten tijdens het ontwikkeltraject ging veranderen. De vraag is: wie bepaalt de spelregels?'
En: 'Waar we mee te maken hebben zijn de steeds mooier en veranderende ICT-plannen en nog grotere ambities. Niet de praktijk is leidend meer.'
En: 'Het geheel is te omvangrijk geworden en niet realistisch meer.'
De Waal zegt ook dat veel bibliotheken blij zullen zijn niet ingeloot te zijn voor de bijna verplichte overgang naar een zeer ongewis ICT-avontuur.
Dennis Eijsten vindt dat De Waal hiermee onnodige verwarring zaait. 'Er staat nergens dat aansluiten op de WLWI automatisch voor iedereen inhoudt dat je op stel en sprong je huidige webplatform of CMS overboord moet gooien. Dat is weliswaar een streven op langere termijn, puur ingegeven door het feit dat het doorontwikkelen van drie (of zelfs meer) verschillende platforms 3 x geld kost. Lijkt mij niet moeilijk om te snappen.'
En dan komt hij met zijn in de aanhef vermelde citaat. Hij zegt daarbij: 'Maar met het aansluiten van die platforms op de landelijke infrastructuur (WLWI) hebben we dan alvast wel bereikt dat we elkaars content en widgets kunnen gaan gebruiken!'
Hij zegt ook: 'Er komt een moment waarop de WAAS een vorm heeft aangenomen die ook voor de voorlopers of veeleisende bibliotheken interessant is geworden. Op dat moment zou je moeten besluiten om het schaarse geld niet verder te versnipperen over meerdere initiatieven.'
En: 'Het is in elk geval wel een gegeven dat de reflex van het krampachtig willen vasthouden aan je eigen oplossingen ons de afgelopen jaren zo enorm heeft gefragmenteerd op digitaal gebied. Technisch gezien niet onoverkomelijk, maar het kost gewoon te veel geld en tijd. En laten we daar nou juist niet zoveel van hebben. Op het moderne internet is een CMS eigenlijk totaal onbelangrijk. Het moet gaan over een gezamenlijk back-end, API's, webservices en apps. Laten we daar dan ook gezamenlijk in investeren.'

Wensen en kosten
Jan de Waal reageert met te zeggen dat hij geen onnodige verwarring schept, maar dat er nogal wat onnodige onduidelijkheid is: 'Het blijft een feit dat bibliotheken erg veel vragen hebben over hun nieuwe virtuele gebouw (website) in tijden dat de bestaande gebouwen en hun collecties op de tocht staan. Als er iemand voor de "cloud" is ben ik het wel: boeken in de cloud (Google-books of BOL-achtige oplossingen; e-books via Bibliotheek.nl: onvermijdelijk), het kantoor in de cloud (direct doen) en de website in de WAAS (doen als er een werkend product is, dat voldoet aan de wensen van de bibliotheken en exploitatiekosten duidelijk zijn).'

Vreemde situatie
Ook anderen gaan in op onduidelijkheden t.a.v. specificaties en kosten.
Eijsten geeft de mensen die daarover klagen gelijk: 'Het is natuurlijk ook een wat vreemde situatie. Zou het hier over een commercieel product gaan, gebouwd in een gangbare klant-leverancier-verhouding, dan is er altijd eerst sprake van een offertetraject, bouwen, testen, accepteren en vervolgens implementeren. Je weet dan wat je krijgt.
Hier gaat het behoorlijk anders:
1. OCW betaalt de ontwikkeling van een collectieve ICT-infrastructuur (overigens vanuit de beste intenties en gedragen door de branche) en geeft BNL, opgericht door de branche zelf, opdracht om dat uit te voeren.
2. Parallel aan de bouw (die vooral ingewikkeld is vanwege allerlei afspraken/erfenissen uit het verleden en politiek-bestuurlijke gevoeligheden, niet omdat het technisch allemaal zo vreselijk complex is) loopt er al een gesubsidieerd implementatietraject dat ons allen nu al dwingt tot keuzes en het aangaan van verplichtingen. Naast de voordelen, zoals een snelle acceptatie en implementatie over de hele breedte, geeft dit vooral het ongemakkelijke gevoel van "in het diepe springen". Dat geldt voor zowel de bibliotheken, de PSO's als voor Bibliotheek.nl.
Ondanks alles komen we nu toch langzaam op het punt aan waarop veel vragen beantwoord kunnen gaan worden. Hoe het eruit ziet, wat je ermee kunt, wat het kost, etc. Een paar websites, gebouwd op de WLWI-infrastructuur met behulp van de WAAS komen in april live te staan, zo ook betaversies van de Widgetstore en een aantal widgets. Kijk eventueel naar de rest van de planning op: www.stichtingbibliotheek.nl/Nieuws plan van aanpak. Maar sommige vragen zullen niet gemakkelijk te beantwoorden zijn. Zo is de hoeveelheid werk en welke implementatieactiviteiten allemaal nodig zijn helemaal afhankelijk van de lokale situatie en wensen. En daarvoor staan de komende maanden nog allerlei gesprekken gepland. Verder wordt aan BNL steeds gevraagd wanneer ze klaar is. Maar wat is "klaar"? Is Google ooit "klaar"? ;-)'

Vertrouwen en blauwe ogen
Jan Klerk merkt in een reactie op de reacties op: 'Ik merk in de reacties dat er veel te weinig informatie is geweest over dit traject en dat er waanzinnig veel vragen zijn over requirements, functionaliteiten, layout, softwarekeuze, flexibiliteit etc. Ik zal in ieder geval proberen die vragen in volgende stukken te beantwoorden.'
En: 'Mijn eigen vragen zijn ook nog niet allemaal beantwoord. Een beetje vertrouwen in de goede afloop kan geen kwaad denk ik :)'
Jeroen van Beijnen (Cubiss) vindt daarvan: 'Als ik een organisatie zou adviseren om bij een systeem aan te sluiten, zou ik haar wel adviseren om dit niet te doen door alleen af te gaan op mooie verhalen en beloftes van de mogelijkheden, de kosten en de blauwe ogen van Bibliotheek.nl, Maar om deze beslissing te maken op basis van wat er daadwerkelijk mee kan.'

Voor de hele gedachtewisseling, zie: Blog Jan Klerk website op Bibliotheek 2.0.

Nationale Bibliotheek Catalogus
Jan Klerk legt in een ander blog uit wat de NBC is (zonder al in te gaan op het feit dat de UB’en niet mee doen).
Ook hier is een reactie dat het onduidelijk is wat de kosten zijn.
Zie: Blog Jan Klerk NBC Bibliotheek 2.0.


Print deze pagina

Reacties op dit artikel (0)

Er zijn nog geen reacties.

Schrijf een reactie

Naam
E-mailadres (?)
Reactie
 

Gerelateerde informatie

Peiling

De potentiële kracht van het landelijke merk Bibliotheek wordt niet voldoende benut
Eens
Oneens
In een interview in Bibliotheekblad nr 7 2019 stelt Cyril Crutz, directeur-bestuurder van BiblioPlus, dat de potentiële power...
Lees meer en geef uw mening