HomeNieuwsNieuwsoverzichtBericht
voetnoot
WHO: kunst en cultuur bevorderen gezondheid
28-11-2019
De Europese afdeling van de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) concludeert in een onlangs verschenen rapport op basis van analyse van ruim 900 academische publicaties dat het actief of passief beleven van kunst de gezondheid en het algehele welbevinden bevordert. De WHO roept beleidsmakers onder andere op om meer te investeren in culturele interventies in de gezondheidszorg. 
De WHO onderscheidt in het rapport vijf categorieën binnen de kunsten waar actieve of passieve deelname gezondheidsvoordelen kunnen opleveren: podiumkunsten (muziek, dans, zang, theater, film), beeldende kunst en vormgeving (beeldhouwen, schilderen, fotografie), literatuur (schrijven, lezen), cultuur (het bezoeken van musea, concerten en theater) en online kunstvormen (animatie, digitale kunst etc).

In het rapport van het Health Evidence Network (HEN) van de WHO, getiteld What is the evidence on the role of the arts in improving health and well-being? A scoping review (pdf), beschrijft de WHO aan de hand van talloze voorbeelden hoe vormen van actieve of passieve cultuurdeelname in een van bovengenoemde categorieën de gezondheid ten goede kunnen komen. De kunsten kunnen op verschillende manieren een positief effect hebben op zowel de geestelijke als de lichamelijke gezondheid. Ze kunnen gezondheidsproblemen voorkómen, ontwikkeling ondersteunen en leefstijl verbeteren en daarnaast ook een positief effect hebben op het omgaan met ziekte en de behandeling van een ziekte. Zo slapen jonge kinderen die voorgelezen worden voordat ze naar bed gaan ‘s nachts langer. Ook hebben zij een betere concentratie op school. Door naar muziek te luisteren of zelf kunst te maken, kunnen mensen minder last hebben van bepaalde bijwerkingen van behandelingen bij kanker, zoals gebrek aan eetlust en misselijkheid, en muziek kan ook het leervermogen van mensen met dementie verbeteren, om slechts enkele voorbeelden uit het rapport te noemen.

Met name van muziek en dans worden in het rapport (pdf) veel positieve voorbeelden genoemd. Als het gaat om het belang van lezen stelt de WHO onder andere dat onderzoek heeft uitgewezen dat het lezen van fictie bijdraagt aan het verbeteren van de sociale cognitie. Samen lezen bevordert de ouder-kindrelatie en is daardoor positief voor het psychosociale functioneren van zowel ouder als kind. Lezen kan ook bijdragen aan ‘empathetic imagination’, wat positief is voor communicatieve vermogens en ‘attune individuals more with their own emotions’. ‘Reading books and watching films have been identified as protective factors against suicidal
Ideation,’ aldus het rapport. Groepsactiviteiten rond lezen en storytelling kunnen eveneens een positief effect hebben voor dementerenden, omdat onder andere hun herinneringsvermogen, communicatieve vaardigheden en focus verbeteren.

Over de bibliotheken stelt het rapport dat het gebruik ervan niet alleen voor de reguliere bezoekers een positieve invloed op de gezondheid laat zien, maar dat ze ook specifiek ingezet kunnen worden als ‘sites for arts-in-health interventions such as reading for mental health’. De WHO wijst er op dat er een toenemend aantal bibliotheken is dat een aanbod verzorgt van ‘timetabled health programmes, drawing on the familiarity of the community space to engage hard-to-reach groups’.

De WHO komt op basis van het rapport, dat zij ‘the most comprehensive evidence review of arts and health to date’ noemt, tot een aantal conclusies en roept beleidsmakers op om meer te investeren in culturele interventies in de gezondheidszorg. ’The arts can be costeffective solutions since they can frequently draw on existing assets or resources, although more research is needed into the health economics of this field. The report also finds that the arts may help in providing multisectoral, holistic and integrated people-centred care, addressing complex challenges for which there are no current healthcare solutions. As such, the arts could help countries reach the integrated targets of key global frameworks, such as the 2030 Agenda for Sustainable Development and the Thirteenth WHO General Programme of Work, 2019–2023, which aim to increase human capital, reduce inequity and promote multisectoral action for health and well-being,’ aldus de WHO. 
 
Bas Verkerk, specialist beleid bij het Landelijk Kennisinstituut voor Cultuureducatie en Amateurkunst (LKCA), verwijst in een op 21 november in Trouw verschenen opiniestuk naar het WHO-onderzoek en koppelt er een oproep aan gemeenten aan om de tekorten in de zorg niet op te vangen met bezuinigingen op kunst en cultuur. ‘Alsof je op een zinkend schip als eerste de reddingsboeien overboord gooit. (...) Meer mensen dan ooit [kampen] met burn-outklachten en depressies, maar [...] sociale voorzieningen voor ontspanning en ontmoeting, zoals bibliotheken, dansscholen en theaters, [worden] wegbezuinigd. En dat allemaal om in de begroting voor 2020 niet in het rood uit te komen.'
Eind september riep Bart Brouwers, hoogleraar journalistiek aan de Universiteit Groningen, in een Trouw-artikel gemeenten ook al op af te zien van bezuinigingen op bibliotheken omdat die volgens Brouwers zorgen voor een onmisbare sociale infrastructuur en zo gezien kunnen worden als ‘wapen tegen sociaal isolement en criminaliteit’.
Overigens verwijst het LKCA ook naar ander onderzoek waaruit zou blijken dat kunst en cultuur een positief effect kunnen hebben op de gezondheid en het welbevinden van mensen, onder andere het in 2017 verschenen Kunst en positieve gezondheid, waaruit het programma ‘Kunst en Cultuur in de Langdurige Zorg en Ondersteuning’ is voortgekomen.


Print deze pagina

Reacties op dit artikel (0)

Er zijn nog geen reacties.

Schrijf een reactie

Naam
E-mailadres (?)
Reactie