HomeNieuwsNieuwsoverzichtBericht
voetnoot
Taalunie publiceert actieplan om leesbegrip en leesmotivatie basisschoolleerlingen te vergroten
29-08-2019
 In het op woensdag 28 augustus naar buiten gebrachte actieplan Effectief onderwijs in begrijpend lezen doet de Taalunie verschillende aanbevelingen om het leesbegrip en de leesmotivatie van basisschoolleerlingen in Nederland en Vlaanderen te vergroten. Uitgangspunt van de aanbevelingen is dat scholen vijf kernthema’s in samenhang oppakken, daarbij ondersteund door organisaties rond de school die hun acties op elkaar dienen af te stemmen. In het actieplan is ook een rol voor openbare bibliotheken weggelegd.
Het actieplan, getiteld Effectief onderwijs in begrijpend lezen. Acties voor beter leesbegrip en meer leesmotivatie (pdf) is door het Algemeen Secretariaat van de Taalunie en de Taalraad Begrijpend Lezen opgesteld in opdracht van het Comité van Ministers (de Vlaamse en Nederlandse ministers van Onderwijs en Cultuur). De aanleiding voor het actieplan waren de resultaten van het internationale vergelijkende onderzoek PIRLS 2016 (Progress in International Reading Literacy Study), waaruit blijkt dat er, zowel voor Nederland als voor Vlaanderen, zorgen zijn over het niveau van begrijpend lezen en leesmotivatie van basisschoolleerlingen. Zo geeft de studie met name aan dat het leesplezier van Nederlandse en Vlaamse tienjarigen vergeleken met andere deelnemende landen zeer laag is, aldus de Taalunie in een nieuwsbericht op haar website.

Uitgangspunt van de in het actieplan uitgewerkte aanbevelingen is dat scholen vijf kernthema’s in samenhang oppakken om tot een effectieve aanpak voor leesbegrip en leesmotivatie te komen. Zij worden daarbij ondersteund door organisaties rond de school die hun acties op elkaar dienen af te stemmen. Aan de hand van die vijf kernthema’s zijn in het rapport concrete acties omschreven.

Het rapport benoemt een aantal knelpunten: de aandacht voor leesmotivatie is onvoldoende; het leesonderwijs is te weinig uitdagend, en wordt door veel leerlingen als saai ervaren; de gehanteerde didactiek schiet tekort; er wordt onvoldoende gewerkt aan monitoring van leerlingen en het geven van formatieve feedback; begrijpend lezen heeft een te geïsoleerde plaats in het onderwijs.

Uit deze knelpunten vloeien kernthema’s voort met acties en aanbevelingen. Die kernthema’s zijn niet nieuw, zo wordt in het rapport aangegeven, maar het is tot op heden niet gelukt ze een vanzelfsprekende plek in het leesonderwijs te geven. Cruciaal daarbij is dat ze als een samenhangend arrangement behandeld moeten worden; ‘er kan niet worden volstaan met acties op één van de vijf kernthema’s’. De vijf kernthema’s: urgentiebesef, een taal-leesbeleid, effectieve vakdidactiek, formatieve feedback, werk aan leesmotivatie. Scholen moeten hierbij werken vanuit een samenhangende aanpak en in nauwe samenwerking met partners, zoals onder andere leesbevorderingsorganisaties en bibliotheken.

Het is met name bij het laatste thema dat de rol van bibliotheken van belang wordt geacht. De leerlingen dienen hulp te krijgen ‘bij het vinden van bij hun leeftijd, ontwikkeling en interesses passende uitdagende teksten, zowel op school, als buiten school, van ouders, bibliotheekmedewerkers en medewerkers van de buitenschoolse opvang,’ aldus het rapport, dat stelt dat de kennis en ervaring die in het Vlaamse en Nederlandse cultuurveld (bij onder meer bibliotheken en leesbevorderingsorganisaties) aanwezig is over het bevorderen van leesmotivatie onmisbaar is bij het laten slagen van de ambitie om het niveau van leerlingen voor begrijpend lezen te verhogen. ‘Het verdient om die reden aanbeveling dat het Nederlandse en Vlaamse onderwijs- en cultuurveld de krachten bundelt om tot een krachtige en samenhangende impuls te komen om scholen te ondersteunen bij het verhogen van het niveau van begrijpend lezen en het bevorderen van leesmotivatie.’ Een van de actiepunten luidt: ‘Overtuig openbare bibliotheken van hun rol en betrokkenheid bij het leesonderwijs; werk in Nederland aan verdere invoering van het project Bibliotheek op School.’ Verder stellen de opstellers van het actieplan voor om in nauwe samenwerking met Vlaamse en Nederlandse betrokkenen een portaal (website) op te zetten waar scholen, ouders, lerarenopleiders, nascholers, bibliotheken, etc. terecht kunnen voor kwalitatief hoogwaardige informatie over begrijpend lezen en leesmotivatie. De website zou goede voorbeelden en informatie moeten bundelen van onder meer de Taalunie, het onderzoek van de Vlor, van leesbevorderingsorganisaties (Stichting Lezen, Iedereen Leest, Canon Cultuurcel), en van onderwijsondersteunende organisaties (bijvoorbeeld SLO) en onderwijsverstrekkers.

De Taalunie verwijst naar andere adviezen over leesonderwijs die recent zijn uitgebracht - zoals een praktijkgerichte review van de Vlor (Vlaamse Onderwijsraad) over de didactiek voor begrijpend lezen en het advies Lees! Een oproep tot een leesoffensief (pdf) van de Nederlandse Raad voor Cultuur & de Onderwijsraad - en stelt deze te onderschrijven en te willen verbinden ‘om te laten zien dat er zowel in Nederland als in Vlaanderen door diverse partijen vanuit één visie wordt gewerkt aan het verhogen van het niveau van begrijpend lezen en het bevorderen van leesmotivatie’.

Stichting Lezen stelt in een reactie zich achter het actieplan te scharen en graag gehoor te geven aan de oproep van de Taalunie om samen met andere leesbevorderingsorganisaties het onderwijs nog beter te ondersteunen.
Gerlien van Dalen, directeur-bestuurder van Stichting Lezen en voorzitter van de Leescoalitie: ‘We onderschrijven de boodschap van de Taalunie dat er een samenhangende aanpak nodig is voor effectiever onderwijs in begrijpend lezen. Deze boodschap sluit aan bij ons beleid. We zetten ons al sinds jaar en dag in voor een goed leesklimaat thuis, in de kinderopvang en op school. (...) Het is echter nog niet genoeg. De huidige aanpak kunnen we uitbreiden en verdiepen. Daarbij is financiering vanuit zowel cultuur- en letterenbeleid als het onderwijsbeleid van belang.’
 
Het actieplan Effectief onderwijs in begrijpend lezen. Acties voor beter leesbegrip en meer leesmotivatie is opgesteld door de Taalraad Begrijpend Lezen en het Algemeen Secretariaat van de Taalunie. De Taalraad is samengesteld uit veertien Nederlandse en Vlaamse experts op het gebied van het basisonderwijs, (begrijpend) lezen en leesmotivatie. De Taalraad is in 2018 ingesteld door de Ministeries van Onderwijs in Nederland en Vlaanderen en verzocht advies uit te brengen over een verbetertraject voor het begrijpend leesonderwijs in beide landen. De Taalunie coördineert de Taalraad en voert het secretariaat.


Print deze pagina

Reacties op dit artikel (0)

Er zijn nog geen reacties.

Schrijf een reactie

Naam
E-mailadres (?)
Reactie
 

Gerelateerde informatie