HomeNieuwsNieuwsoverzichtBericht
voetnoot
Minister Van Engelshoven stuurt Monitor Bibliotheekwet 2017 naar Tweede Kamer
31-01-2019
Onlangs heeft minister Ingrid van Engelshoven van OCW de Tweede Kamer geïnformeerd over de monitor Wet stelsel openbare bibliotheekvoorzieningen (Wsob). Minister van Engelshoven geeft in deze brief een overzicht van de belangrijkste cijfers uit de Bibliotheekstatistiek 2017 en gaat in op enkele onderwerpen die in 2018 specifieke aandacht hebben gekregen.
De Monitor is uitgevoerd door de Koninklijke Bibliotheek (KB) en het CBS en geeft een beeld van de stand van zaken in het bibliotheekwerk in 2017 aan de hand van belangrijke indicatoren, zoals de ontwikkelingen in ledenaantallen, bezoeken, uitleningen en georganiseerde activiteiten van openbare bibliotheken. Bij de inwerkingtreding van de Wsob is afgesproken dat de Kamer ieder jaar een Monitor Wsob ontvangt, binnen vijf jaar na inwerkingtreding van de wet een evaluatie en halverwege deze periode een midterm review. De midterm review is eind 2017 aan de Kamer gestuurd,  

De Monitor 2017 (pdf) geeft een beeld over de eerste drie jaar van de Wsob. De door de minister in de brief genoemde cijfers over leden, bezoeken, uitleningen, georganiseerde activiteiten, personeel, et cetera wijken niet wezenlijk af van de in het in november 2018 door de KB gepubliceerde dossier ‘Bibliotheekstatistiek 2017' genoemde cijfers. (De Bibliotheekstatistiek 2017 is als bijlage met de brief meegestuurd. Dit dossier is samengesteld op basis van de via de Wsob-gegevenslevering bij bibliotheken opgevraagde gegevens. )
Overigens werd in de Bibliotheekstatistiek 2017 een toename van het aantal fysieke locaties geconstateerd (van 1286 in 2016 naar 1383 in 2017) - doch tevens melding gemaakt van een trend van verschraling doordat er minder plekken met brede dienstverlening zijn en steeds meer uitleenpunten en dergelijke -, terwijl de minister in haar brief spreekt over een sinds 2014 vrijwel gelijk blijvend aantal van rond de 1300. Het aantal vestigingen van een Bibliotheek op school blijkt van 2016 op 2017 gestegen te zijn van 2398 naar 2813 (de cijfers over 2016 waren in de Bibliotheekstatistiek nog niet terug te vinden).
Over de digitale bibliotheek meldt de minister in haar brief dat in 2017 ruim 400.000 personen e-books leenden via de openbare bibliotheek, voor het overgrote deel leden van de lokale bibliotheek die hun lokale lidmaatschap hebben uitgebreid met de toegang tot e-books. In de Bibliotheekstatistiek 2017 wordt echter melding gemaakt van ruim 200.000 actieve e-bookaccounts op een totaal van ongeveer 440.000 accounts. (48% van de accounts kan dus worden aangemerkt als actief, met minimaal 1 uitlening in de afgelopen 12 maanden.)

De minister gaat in haar brief verder in op enkele onderwerpen die in 2018 specifieke aandacht hebben gekregen, met name de motie-Asscher over het behoud van bibliotheken in kleine kernen, het e-lending convenant, de verkenning van een collectief landelijk bibliotheeksysteem en de motie-Diertens over de rol van bibliotheken in Caribisch Nederland omtrent het leven lang leren beleid.
 
Over de motie-Asscher schrijft de minister dat het bedrag van 1 miljoen euro dat gedurende de periode 2019-2021 hiervoor jaarlijks uitgetrokken wordt, zal gaan naar de regio’s of gemeenten waar ondersteuning van de bibliotheekfunctie het hardst nodig en ook kansrijk is, daarbij voortbouwend op goede voorbeelden uit de regionale praktijk. In het bestuurlijk overleg openbare bibliotheken van 7 november 2018 zijn met gemeenten, provincies, de bibliotheekbranche en de KB hiertoe enkele gezamenlijke uitgangspunten geformuleerd:
  • Het gaat om bibliotheekvestigingen in niet-stedelijke gebieden, waar het netwerk te dun is geworden;
  • Tijdelijke ondersteuning op die plekken waar dit het hardst nodig is en waar het kansrijk is blijkens bestuurlijk commitment van de gemeente en/of provincie. VNG en IPO kunnen hiervoor suggesties doen;
  • Het budget is tijdelijk en komt per 2019 beschikbaar;
  • De tijdelijke stimulering levert ervaring en kennis op die na de periode van drie jaar elders gebruikt kan worden
Sprekend over het convenant e-lending stelt de minister dat via de digitale bibliotheek doelgroepen kunnen worden bereikt waarvoor lezen niet meer vanzelfsprekend is, met name jeugd en volwassenen tot 35 jaar, waarbij ze de verwachting uitspreekt dat er dankzij het convenant meer actuele e-booktitels en titels voor de jeugd beschikbaar komen. In de Bibliotheekstatistiek 2017 wordt gemeld dat uit onderzoek blijkt dat de leners van e-books momenteel ‘vaker een vrouw is, van 55 jaar of ouder, met een middelbare of hogere opleiding’, maar dat het aantal jeugdleden van de digitale bibliotheek wel stijgende is.

De minister geeft afsluitend aan dat de Kamer eind 2019 een evaluatie van de Wsob zal ontvangen op basis van de resultaten over de periode 2015 tot en met 2018. Daarvoor zullen de kwantitatieve gegevens worden aangevuld met bevindingen en conclusies ten aanzien van de doelstellingen van de wet en het functioneren van de instrumenten die de wet bevat.


Print deze pagina

Reacties op dit artikel (0)

Er zijn nog geen reacties.

Schrijf een reactie

Naam
E-mailadres (?)
Reactie
 

Gerelateerde informatie