HomeNieuwsNieuwsoverzichtBericht
voetnoot
Midterm review Bibliotheekwet verschenen
22-12-2017
Minister Van Engelshoven van OCW heeft vandaag de resultaten van de midterm review van de Wet stelsel openbare bibliotheekvoorzieningen (Wsob) naar de Tweede en Eerste Kamer gestuurd. De midterm review schetst de stand van zaken twee jaar na de invoering van de bibliotheekwet. 
De midterm review is gebaseerd op kwantitatieve gegevens over 2015 en 2016, de eerste twee jaren van de Wsob, verzameld door de Koninklijke Bibliotheek en op een onderzoek van Kwink Groep naar een aantal onderwerpen dat bijzondere aandacht heeft gehad tijdens de parlementaire behandeling van de Wsob

In de Kamerbrief (pdf) bij de Midterm Review (pdf) behandelt de minister in grote lijnen de inhoud van de tussentijdse evaluatie. Ze schetst om te beginnen een algemeen beeld van de ontwikkelingen sinds de invoering van de Wsob begin 2015 en van de stand van zaken op dit moment.

Vervolgens gaat de minister in op enkele specifieke onderwerpen die bij de parlementaire behandeling van de Wsob naar voren zijn gekomen en op enkele actuele onderwerpen die sinds de invoering van de Wsob zijn gaan spelen. Het betreft dan onder andere de door PvdA-Kamerlid Lodewijk Asscher ingediende motie over het behoud van bibliotheken in kleine plaatsen die op 21 november werd aangenomen. De minister zegt daar onder andere over: ‘Bij dit onderwerp komen twee principes van de Wsob bij elkaar. Het principe dat iedere inwoner van Nederland toegang moet hebben tot de fysieke en digitale openbare bibliotheek en het bestuurlijke principe dat de gemeenten verantwoordelijk zijn voor het lokale voorzieningenniveau en daar eigen keuzes in kunnen maken. Mijn beeld is dat gemeenten deze verantwoordelijkheid serieus nemen. Ook in de recente periode van teruglopende gemeentelijke budgetten is de subsidie van gemeenten voor openbare bibliotheken over het geheel genomen behoorlijk op peil gebleven. Er is bezuinigd, er zijn filialen gesloten en de gemiddelde afstand tot een vestiging is wat toegenomen, maar het stelsel als geheel functioneert naar behoren en laat allerlei vormen van vernieuwing zien.’ 
De minister stelt in reactie op de motie-Asscher: ‘Er is geen sterke terugloop van bibliotheken in kleine gemeenten en steeds meer scholen hebben een vestiging van de Bibliotheek op school. Een algemeen plan voor de toegankelijkheid van de openbare bibliotheek acht ik daarvoor niet noodzakelijk, maar er zijn wel aandachtspunten die opgepakt kunnen worden. In dunbevolkte regio's en in krimpgebieden zijn volwaardige voorzieningen moeilijk te exploiteren. Bundeling van voorzieningen, waaronder de openbare bibliotheek, kan een oplossing bieden en kan bijdragen aan het behoud van de leefbaarheid. Ik zal daarom de positie van de openbare bibliotheken inbrengen in het beleid van het kabinet ten aanzien van krimpregio's. Ook kunnen de provincies en de provinciale ondersteuningsinstellingen een rol spelen. (...) Ik zal dit onderwerp agenderen voor bestuurlijk overleg met VNG en IPO, zodat wij gezamenlijk de situatie kunnen monitoren en kunnen bespreken hoe de toegang van elke burger tot een bibliotheekvoorziening onder gangbare condities gewaarborgd kan worden,’ aldus de minister in de Kamerbrief.

De minister gaat verder onder andere ook in op het leenrecht en de eerder geconstateerde daling van de opbrengsten uit leenrechtvergoedingen, waarschijnlijk mede als gevolg van de opkomst van de Bibliotheek op school (dBos). De minister ziet weinig in ingrijpende aanpassingen. Zo zou het schrappen van de onderwijsvrijstelling in de Auteurswet tot gevolg hebben dat niet alleen uitleningen via dBos, maar alle uitleningen van alle schoolbibliotheken - zoals in het primair en voortgezet onderwijs - leenrechtvergoedingsplichtig worden, met grote financiële en administratieve gevolgen. De minister ziet meer in een ‘voorkeursmodel’ voor dBos, waarbij de boeken eigendom zijn van de lokale openbare bibliotheek en aan leerlingen kunnen worden uitgeleend via de school en waarbij bibliotheken idealiter moeten zorgdragen voor een systeem voor de registratie van de uitleningen via de school, zodat voor de uitleningen leenrechtvergoeding kan worden afgedragen. Daarnaast stelt ze een aantal verbeteringen voor, zoals het inzetten van het landelijke datawarehouse als gemeenschappelijke bron voor registratie van uitleningen en als grondslag voor de berekening van de leenrechtvergoedingen, ondersteuning van jeugdauteurs via een uitbreiding van de collectie jeugd in de digitale openbare bibliotheek, meer aandacht voor jeugdliteratuur in de activiteiten van het Letterenfonds en de Schrijverscentrale en verbeteringen bij het model voor e-lending ten gunste van de auteurs. Tenslotte pleit ze nog voor ‘voorlichting, informatie en vergroting van het bewustzijn over Auteursrecht en leenrecht, zodat scholen en bibliotheken weten wanneer een uitlening vergoedingsplichtig is’.

De minister gaat ook in op de ontwikkelingen met betrekking tot de digitale bibliotheek en verwijst daarbij naar het arrest van het Europese Hof van Justitie over e-lending. Die uitspraak is volgens de minister het eindpunt in een juridisch proces dat jaren geleden is gestart, terwijl de digitale ontwikkelingen intussen door zijn gegaan waardoor de uitspraak een casus beschrijft die inmiddels ver afstaat van de actuele praktijk. ‘De uitspraak oordeelt dat openbare bibliotheken e-books zonder toestemming vooraf mogen uitlenen op basis van het “one copy, one use” principe. Dat wil zeggen dat een ingekochte titel, net als bij een papieren boek, slechts door één lezer tegelijk kan worden geleend. Dat wijkt sterk af van de huidige succesvolle en gebruiksvriendelijke praktijk van de digitale bibliotheek, waarbij e-books door de KB worden uitgeleend op basis van overeenkomsten met rechthebbenden (met name uitgevers) via het ‘one copy, multiple user’ principe, (...) Het één-op-één in de praktijk doorvoeren van de uitspraak van het Europese Hof zou een stap terug betekenen. Auteurs en uitgevers verkennen daarom met de KB de mogelijkheid het huidige systeem te verbeteren, zoveel mogelijk rekening houdend met de inhoud van het arrest,’ aldus de minister, die enkele lijnen schetst die zich aftekenen in het overleg tussen KB, auteurs en uitgevers: de te maken afspraken zijn in eerste instantie gericht op het segment Algemeen boek en de Nederlandse auteur; e-books komen zoveel mogelijk na een nog nader te bepalen ‘window’ beschikbaar voor uitlening via de openbare bibliotheek; uitgevers en auteurs komen een verdeling van de uitleenvergoeding overeen, bijvoorbeeld uitgedrukt in percentages; auteurs krijgen periodiek inzicht in de uitleencijfers van e-books.

De minister geeft aan deze richting te ondersteunen. ‘Het biedt via verbeteringen aan het bestaande succesvolle model een antwoord op de onderliggende vragen, nl. de behoefte aan meer actuele digitale titels voor de gebruikers van de openbare bibliotheek en zekerheid voor auteurs dat zij meedelen in de opbrengsten van de digitale exploitatie van hun werken.’

De minister schetst ook nog een aantal verbeterpunten voor de digitale bibliotheek. Zo is het aanbod voor de jeugd nog te beperkt, kunnen delen van de wetenschappelijke collectie beter voor het grote publiek beschikbaar worden gemaakt, moet de aansluiting van passend lezen bij de landelijke digitale bibliotheek verder worden onderzocht, wordt in overleg met de KB, bibliotheekbranche en de VNG gekeken naar de haalbaarheid van een collectief landelijk bibliotheeksysteem, moet de mogelijkheid van een digital only abonnement beter onder de aandacht worden gebracht en moet er worden gekeken naar de mogelijkheden voor publiek-private samenwerking met uitgevers, waarbij de backlist wordt gedigitaliseerd en beschikbaar komt voor de uitgevers en voor de digitale bibliotheek, aldus de minister.

Op de website van het ministerie van OCW is behalve de Kamerbrief en de Midterm review ook nog het door de KB opgestelde rapport Trends in het stelsel van openbare bibliotheken (pdf) te vinden. 


Print deze pagina

Reacties op dit artikel (0)

Er zijn nog geen reacties.

Schrijf een reactie

Naam
E-mailadres (?)
Reactie
 

Gerelateerde informatie