HomeNieuwsNieuwsoverzichtBericht
voetnoot
Jos Saes: ‘De toekomst is aan bibliotheken die een band hebben met hun gemeente’
Femke van den Berg
24-03-2016
Per 1 april 2016 neemt Jos Saes afscheid als directeur-bestuurder van Bibliorura in Roermond. Hoe kijkt hij terug op zijn veertigjarige loopbaan in de bibliotheek? En hoe ziet hij de toekomst van de sector? 
Jos Saes: ‘De toekomst is aan bibliotheken die een band hebben met hun gemeente’
 Hoe kwam u terecht in de bibliotheeksector?
‘In de jaren zeventig was vooral belangrijk dat je deed wat je leuk vond. Ik dacht eraan om óf leraar Frans te gaan worden óf bibliothecaris. Het werd het laatste. Ik studeerde aan de Bibliotheek Academie in Tilburg. Daarna werd ik hoofd van de studiezaal in de bibliotheek Roermond. In 1978 werd ik waarnemend directeur; kort daarna ben ik benoemd tot directeur.’

Wat waren belangrijke ontwikkelingen in de afgelopen veertig jaar?
‘Natuurlijk de automatisering, die inzette in de jaren tachtig. Verder de verhuizing naar een nieuw pand in 2000. Ook de fusie met de bibliotheken van Ambt Montfort, Roerdalen en Swalmen, waardoor in 2008 Basisbibliotheek Bibliorura ontstond, was een grote verandering. Verder hebben de bezuinigingen in 2011 veel impact gehad. Die leidden ertoe dat we zes vestigingen in de kerkdorpen in Roerdalen moesten sluiten. Ook in Swalmen moest het filiaal dicht. We hebben dit toen een jaar eerder gedaan en het geld vastgehouden om de Bibliotheek op school in ons werkgebied te gaan opzetten. Dat is gelukt: de dekkingsgraad is inmiddels 95%. Nu willen we ook een doorgaande lees- en leerlijn voor volwassenen ontwikkelen, die we gaan aanbieden in zogeheten Huizen van de Wijk – multifunctionele accommodaties in achterstandswijken – waarin Taalpunten worden ingericht. Dit project doen we in samenwerking met consultatiebureau, huisartsen, welzijnsorganisaties, onderwijs. Het samenwerken met andere partijen is de afgelopen vier decennia ook steeds belangrijker geworden.’

Waar kijkt u met veel plezier op terug?
‘Een hoogtepunt was de verhuizing naar het nieuwe gebouw. In 1990 begonnen de voorbereidingen al, in 1995 verhuisden we naar een noodhuisvesting. Pas per 2000 konden we naar ons huidige pand in het stadscentrum. Tegenwoordig ligt dat in een mooie winkelstraat, maar toen was het een rotte kies in de stad. Het pand hebben we vormgegeven vanuit de visie dat een neutrale ontmoetingsplaats met een goede ambiance bijdraagt aan het “leren en lezen” van mensen. Zo waren we een van de eerste bibliotheken in het zuiden met een goede brasserie. Mooi was ook dat we in 2010 het Historiehuis – een professioneel museum – in huis kregen.’

Wat was een dieptepunt?
‘Het ingrijpen in de personeelsformatie als gevolg van de bezuinigingen, een paar jaar geleden. Van circa 25 fte gingen we terug naar 15 fte. Inmiddels hebben we overigens wel weer nieuw personeel kunnen aantrekken, zoals leesconsulenten voor de Bibliotheek op School.’

Hoe was de samenwerking met de gemeente door de jaren heen?
‘Die is altijd goed geweest, maar de kijk van de gemeente op de bibliotheek is mettertijd wel veranderd. Vroeger was de bibliotheek een beetje een ver-van-mijn-bedshow voor de gemeente. Het Rijk was immers de belangrijkste subsidieverstrekker. Dat veranderde met het afschaffen van de oude Bibliotheekwet. De bibliotheek werd toen meer iets van en voor de lokale gemeenschap. Sinds de jaren negentig worden we echt gezien als een serieuze partner in het culturele domein.’

Hoe ziet u de toekomst van de bibliotheeksector? Wat zijn kansen?
‘Ik denk dat het voor bibliotheken cruciaal is dat ze een band hebben met hun gemeente. Ik ben er groot voorstander van om de communicatie met de gemeente continu open te houden: het is immers je opdrachtgever en grootste klant. Er liggen veel kansen als je aansluit bij doelstellingen van de gemeente, zonder daarbij het “eigene” weg te gooien. Het is belangrijk om over het voetlicht te blijven brengen wat je core business is: lezen en leren. Gebruikers blijven behoefte houden aan een goede fysieke en digitale collectie; ze willen geprikkeld worden door een goed verhaal. De vraag is wel hoe je die collectie gaat vermarkten.’

Wat zijn bedreigingen?
‘De toetreding van commerciële partijen die het traditionele bibliotheekconcept  - boeken uitlenen – uitmelken zonder iets nieuws toe te voegen, zonder te investeren. Overigens denk ik dat je niet zoveel van dit soort partijen te vrezen hebt als je het als bibliotheek goed doet.’

Wat is de rol/taak van de bibliotheek in de toekomst?
‘Tegen de lokale bibliotheken zou ik zeggen: ga door op dezelfde weg, maar doe alles méér en beter. Houd steeds het belang van de inwoner/gebruiker voor ogen. Zorg dat de bibliotheek iedere dag open is, breng goede boeken onder de aandacht, verbind mensen, zorg voor een goede digitale collectie. De KB heeft een moeilijke rol; gemeenten kijken niet naar wat de KB wil. Ik verwacht dat de KB zich zal blijven bezighouden met de landelijke digitale collectie.
De serviceorganisaties zullen vast verder worden opgeschaald. Volgens mij zouden ze zich vooral bezig moeten houden met het ontwikkelen en uitproberen van vernieuwingen die aansluiten bij de behoeften van de lokale bibliotheken.’

Wat gaat u doen na uw afscheid?
‘In ieder geval tuinieren en reizen. Ik zal de bibliotheek best gaan missen, maar ik heb me voorgenomen om me in elk geval de komende maand niet meer bij Bibliorura te laten zien. Mijn opvolger kan dan ongestoord gaan werken met een grandioos team; samen kunnen ze veel bereiken.’

Tekst: Femke van den Berg
Foto: TL Webdesign


Print deze pagina

Reacties op dit artikel (2)

Hans Derks
30-3-2016 19:13
Prima Jos, geniet ervan.



Hans

 
Joost Heessels
5-4-2016 16:00
Mooi interview, echter hoop ik dat de PSO's worden opgeheven en de innovatiekracht bij de lokale bibliotheken worden ondergebracht. PSO's zitten over het algemeen alleen maar in het vaarwater van de lokale bibliotheken en zijn alleen maar uit op lijfsbehoud.

Schrijf een reactie

Naam
E-mailadres (?)
Reactie
 

Gerelateerde informatie