HomeNieuwsNieuwsoverzichtBericht
voetnoot
Bestuurlijke afspraken openbaar bibliotheekwerk 2013-2014 getekend
23-04-2013
Het ministerie van OCW, het Interprovinciaal Overleg (IPO) en de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) hebben op 10 april een aantal bestuurlijke afspraken over het openbare bibliotheekwerk voor de komende twee jaar vastgelegd.
De bestuurlijke afspraken (PDF) hebben betrekking op de periode tot 1 januari 2015, de datum waarop naar verwachting de nieuwe bibliotheekwet in werking zal treden. Op 31 december 2012 werd het Bibliotheekcharter 2010-2012 beëindigd. De bestuurlijke afspraken zijn bedoeld om de tussenliggende periode te overbruggen.

De betrokken partijen spreken onder andere af zorg te zullen dragen voor:
  • Versterking van het digitale netwerk van openbare bibliotheken.
  • Afstemming van onderzoek gericht op beleidsontwikkeling, waaronder de actualisering van de financiële monitor en de actualisering van het onderzoek naar de ontwikkeling van (de kosten van) digitale content in de collectie van openbare bibliotheken zoals gepubliceerd 2011.
  • Leesbevordering, onder meer door middel van het programma ‘Kunst van Lezen', en bestrijding van laaggeletterdheid, onder meer door middel van het ‘Actieplan Laaggeletterdheid’.
Verder bevordert de VNG dat:
  • LokaIe bibliotheken hun financiële bijdrage aan de inkoop van e-content voor de landelijke digitale bibliotheek continueren en uitbreiden in overeenstemming met de ontwikkelingen in het aanbod.
  • Lokale bibliotheken aangesloten zijn en blijven op de landelijke digitale bibliotheek en daarvoor deelnemen aan de digitale infrastructuur, de nationale bibliotheekcatalogus en het datawarehouse.
  • Digitaal lezen door lokale bibliotheken wordt gestimuleerd en ondersteund.
  • Iedere burger toegang heeft tot en lid kan worden van een bibliotheekvoorziening. Sluiting van een bibliotheek door een gemeente geschiedt niet eerder dan na overleg met de naburige (centrum)gemeente over de toegang van haar inwoners tot het lidmaatschap van de bibliotheek in de naburige (centrum)gemeente.
Het IPO bevordert dat provincies een basispakket aan ondersteunende activiteiten bieden dat bestaat uit de volgende taken:
  • Logistiek en transport (interbibliothecair Ieenverkeer).
  • De afstemming van collecties op provinciaal niveau. Daarbij wordt rekening gehouden met de lokale vraag. Tevens zorgen provincies voor afstemming van de provinciale en lokale collecties met de landelijke collectie.
  • Het in stand houden en versterken van een netwerk voor bibliotheken onderling en met maatschappelijke organisaties, om de samenwerking te borgen en te versterken en om de kwaliteit en efficiency te verhogen.
  • De ontwikkeling en implementatie van innovatieve concepten voor de fysieke bibliotheek die mede aansluiten op de landelijke innovatieagenda van het Sectorinstituut Openbare Bibliotheken.
Overigens is het aantal provinciale taken in de onlangs bekend geworden ontwerpwet Stelsel Openbare Bibliotheekvoorzieningen teruggebracht tot twee. Artikel 13 van dit wetsvoorstel vermeldt als provinciale taken:
  • Een PSO is verantwoordelijk voor de distributie van fysieke werken door middel van het interbibliothecaire leenverkeer binnen de provincie of provincies waardoor zij wordt bekostigd of in stand gehouden.
  • De PSO’s zijn gezamenlijk verantwoordelijk voor a. de distributie van fysieke werken door middel van het interbibliothecaire leenverkeer tussen de provincies en b. de ontwikkeling van innovaties in het fysieke domein in overeenstemming met de KB in verband met haar coördinerende taak.
In een eerste reactie op de ontwerpwet stelt de VNG overigens van mening te zijn dat de meerwaarde van een landelijk collectieplan moet worden aangetoond. Ook vindt de VNG dat de wet flexibel moet zijn om de inhoudelijke transformatie van het bibliotheekwerk ruimte te geven én om zoveel mogelijk bibliotheekvoorzieningen binnen het stelsel te houden. Het voorschrijven van uniformerende verplichtingen draagt daar volgens de VNG niet aan bij. De VNG schrijft bij wijze van toelichting: ‘De wet legt (…) bibliotheekfuncties en een veelheid van netwerkcriteria vast. Veel gemeenten zijn bezig met herstructurering van het bibliotheekwerk, dat door de technologische ontwikkelingen met een dalend aantal leden en uitleningen te maken heeft. Juist nu moet diversiteit in de inrichting van de bibliotheek de ruimte krijgen en kunnen worden geëxperimenteerd.’

In de bestuurlijke afspraken is verder vastgelegd dat de minister in de periode 2013-2014 zorgt voor:
  • De totstandkoming van het wetsvoorstel bibliotheken en de voorbereiding van de implementatie daarvan.
  • De continuering van de stelseltaken openbare bibliotheken, inclusief de bekostiging van de ontwikkeling van nieuwe certificeringnormen.
  • Het beheer en de verdere ontwikkeling van de landelijke digitale bibliotheek (de digitale infrastructuur, de digitale content, de nationale bibliotheekcatalogus en het datawarehouse) alsmede de organisatorische inrichting van één landelijke digitale bibliotheekvoorziening.
  • Het faciliteren van de totstandkoming van contractuele afspraken over uitleenrechten ten bate van de digitale bibliotheek.
Zie ook berichten op de websites van de VNG en het IPO.


Print deze pagina

Reacties op dit artikel (0)

Er zijn nog geen reacties.

Schrijf een reactie

Naam
E-mailadres (?)
Reactie
 

Gerelateerde informatie