HomeRubriekenGastblogsBericht
voetnoot
Beroepstrots of bedrijfsblindheid?
Eimer Wieldraaijer
01-09-2015
Kunt u zich nog herinneren dat NRC Handelsblad in 1990 een persaccreditatie voor Youp van ’t Hek had aangevraagd en gekregen zodat hij verslag kon doen van het WK-voetbal in Italië? De brancheorganisatie Nederlandse Sport Pers (NSP) sprak er schande van. Op de perstribune horen sportjournalisten te zitten en geen cabaretiers, zo meende de vakgroep. De ophef leidde zelfs tot een rechtszaak, die NRC en Van ’t Hek overigens glansrijk wonnen. Ik moest terugdenken aan dat akkefietje rond de best gelezen columnist van Nederland toen ik de blog Ten Aanval van Jeanine Deckers las.
Beroepstrots of bedrijfsblindheid?
In haar blogpost 'Kanttekeningen bij de beste bibliothecaris verkiezing' beweert Deckers dat ze het ‘absoluut bizar en onvoorstelbaar vindt dat voor de verkiezing van beste bibliothecaris drie mensen genomineerd zijn die geen van allen bibliothecaris zijn’. Vervolgens legt ze uit wat een bibliothecaris is. In haar ogen is dat iemand die ‘een uitlening draait’, ‘op de eerste dag na de schoolvakantie op een jeugdafdeling staat’, ‘een leeskring organiseert’, en meer van dat soort inderdaad nuttige werkzaamheden.

Los van het feit dat de kandidaten waar het om gaat, zich in het verleden ook in de door Deckers genoemde zin hebben bewezen, vind ik het absoluut bizar en onvoorstelbaar dat een professional anno 2015 nog zo’n vermolmde en beperkte visie op het eigen vak hanteert. Als onze beroepsgroep ergens behoefte aan heeft om in de toekomst aantrekkelijk te blijven voor nieuwkomers én een omslag te bereiken in het hardnekkige publieke imago dat aan ‘de bibliothecaris’ kleeft, is het wel aan vakgenoten die deze term weten te herladen via prijzenswaardige vernieuwende initiatieven. Aan mensen zoals Erik Boekesteijn, Jeroen de Boer en Margot Bosch, dus. Gelukkig wordt deze opvatting gedeeld door velen in het vak, want de drie kandidaten die om de titel strijden, zijn genomineerd door tientallen bibliothecarissen. Onder wie menigeen die werkzaam is in de uitlening, op een jeugdafdeling of bij een leeskring.

Eimer Wieldraaijer


Print deze pagina

Reacties op dit artikel (3)

Jeanine Deckers
1-9-2015 19:29
Eimer,
Om te beginnen bedankt dat ik in één en hetzelfde blog genoemd wordt als Youp van 't Hek, ik voel me zeer vereerd. 
Volgens mij zijn wij het eens over het feit dat de branche behoefte heeft aan vers bloed en nieuwe know-how. Maar ik maak graag onderscheid tussen de branche en de bibliothecaris. Het ene maakt onderdeel uit van het andere: de branche kan niet zonder bibliothecarissen. Dat betekent niet dat iedereen die in de branche werkt ook bibliothecaris is. Gelukkig niet. 
En ik vind dat als je een verkiezing organiseert van beste bibliothecaris, je daar ook mensen voor moet nomineren die bibliothecaris zijn, of zich in elk geval bibliothecaris noemen. Om in voetbaltermen te blijven: als tijdens het Voetballer van het Jaar Gala de Gouden Schoen was uitgereikt aan Louis van Gaal was Nederland te klein geweest denk ik. Dat doet niks af aan het belang van Van Gaal voor de voetbalsport maar daar is vast een andere prijs voor.  
Joost Heessels
2-9-2015 10:49
Twee dingen Eimer, een gastblog van jezelf terwijl je eindredacteur bent van deze club is een beetje vaag. En misschien is het tijd om op te houden met deze knullige verkiezingen en is het tijd om één kwalikatief bibliotheek blad te gaan maken waar heel de sector trots op kan zijn. 
Wim Keizer
10-9-2015 12:47
Interessante discussie over de vraag wie eigenlijk “een bibliothecaris” is.

Wat in deze discussie volgens mij onderbelicht is gebleven is de meer algemene vraag wanneer er sprake is van “een beroep”, “een vak” of “een specialisme”.
In de tijd (jaren negentig) dat ik nog actief was voor de afdeling Openbare Bibliotheken binnen de Nederlandse Vereniging van Bibliothecarissen (NVB) heb ik dit vraagstuk al eens aan de orde gesteld, maar dat zijn veel mensen natuurlijk al lang vergeten. Er bestaat ook geen NVB meer.

Hierbij een poging een paar kenmerken te noemen van “een beroep” (aanvullingen van harte welkom):
- Er is een specifieke beroepsopleiding;
- Er is een specifieke beroepsorganisatie (kan tevens vakbond zijn);
- Een beroepsbeoefenaar moet zich door technische en maatschappelijke ontwikkelingen voortdurend laten bijscholen om z’n vak behoorlijk te kunnen uitoefenen;
- Iemand van “buiten” kan niet binnen korte tijd en zonder aanzienlijke scholing en bijscholing het desbetreffende beroep beoefenen;
- Binnen de instelling of het bedrijf waarin de beroepsbeoefenaar werkt bestaat een substantieel organisatieonderdeel, waarin het mogelijk is carrière te maken als beroepsbeoefenaar en een goed salaris te verdienen, zonder noodzaak een managementfunctie te vervullen of eindverantwoordelijk manager voor de hele instelling of het hele bedrijf te worden.

Uit eigen ervaring ken ik drie beroepen wat beter dan andere: verkeersvlieger, journalist en bibliothecaris.

Laten we eens lijken naar de genoemde criteria.

Voor bibliothecaris bestaat geen specifieke beroepsopleiding meer, nog wel voor verkeersvlieger en journalist.

Er zijn een Vereniging Nederlandse Verkeersvliegers (VNV, tevens vakbond) en een Nederlandse Vereniging van Journalisten ( NVJ, tevens vakbond). Er is geen NVB meer. Wel een KNVI, maar wat is eigenlijk “een informatie professional”? Dat is een journalist ook.

Wie verkeersvlieger wil blijven, moet zich voortdurend laten bijscholen en regelmatig keuringen ondergaan. Voor journalisten geldt het wat minder, maar ook hier kom je er niet zonder bijscholing. Maar hoe zit het met bijscholing voor bibliothecarissen?

Iemand kan op latere leeftijd niet zo maar verkeersvlieger worden, naar zal daar heel wat scholing en training voor moeten ondergaan. Ook journalist kun je op latere leeftijd niet zo maar worden (hoewel er talentvolle uitzonderingen zullen zijn). Kan iedereen die een paar jaar in een bibliotheek meeloopt wel zo maar bibliothecaris worden? Of het waar is, weet ik niet, maar het wordt wel erg veel en vaak gedacht.

Je kunt binnen een luchtvaartmaatschappij je hele werkzame leven verkeersvlieger zijn en daar flink geld mee verdienen zonder ooit ergens manager binnen die luchtvaartmaatschappij te worden of eindverantwoordelijk directeur.
Je kunt binnen een krantenredactie journalist zijn en blijven en zelfs als je hoofdredacteur wordt, hoef je nog geen directeur van het hele krantenbedrijf te worden (hoewel het wel voorkomt).
Bibliotheken hebben echter niet een apart bedrijfsonderdeel met bibliothecarissen. Wie carrière wil maken en/of wat meer wil verdienen, is welhaast gedwongen manager te worden of eindverantwoordelijk directeur.

Terugkijkend moet ik helaas concluderen dat “bibliothecaris” vergeleken met de andere twee een zeer zwak beroep is. Ik heb niet onmiddellijk een oplossing voor de versterking ervan.

Deze reactie heb ik ook geplaats bij de vele reacties op het blog Ten Aanval van Jeanine:
http://www.tenaanval.nl/kanttekeningen-bij-de-beste-bibliothecaris-verkiezing/#comment-110508

Schrijf een reactie

Naam
E-mailadres (?)
Reactie
 

Gerelateerde informatie