HomeRubriekenArtikel
voetnoot

Rijksstudio: een website om van te smullen… en van te leren

Edwin Mijnsbergen
09-04-2013
Rijksstudio: een website om van te smullen… en van te leren
Op zaterdag 13 april wordt het vernieuwde Rijksmuseum geopend. Maar al enkele maanden beschikt het Rijksmuseum over een nieuwe website, met niet alleen een omvangrijk aanbod maar ook veel mogelijkheden voor de bezoeker. De media zijn er heel enthousiast over. Hoe is deze website tot stand gekomen? Peter Gorgels, manager Internet bij het Rijksmuseum, geeft een kijkje in de keuken. 
In het afgelopen decennium hebben Nederlandse erfgoedinstellingen hard gewerkt aan de digitalisering van hun collecties en aan het verbeteren van de online presentatie en vindbaarheid van die collecties. Dat leidde soms tot indrukwekkende resultaten: krantenbanken die miljoenen pagina’s bevatten, beeldbanken waar je urenlang zoet mee bent en catalogi die je met een paar muisklikken boeken laten aanvragen in heel Nederland. Er is genoeg om trots op te zijn, maar reden om tevreden achterover te leunen is er nog niet.

Websites van musea, archieven en bibliotheken bieden weliswaar een schat aan informatie, maar als je er wat kritischer naar kijkt, kun je toch weinig anders dan constateren dat veel websites van erfgoedinstellingen een tikje saai zijn, of beperkingen hebben die je op populaire, commerciële websites niet snel zult tegenkomen. Om maar een voorbeeld te noemen: die mooie foto’s in beeldbanken zijn vaak niet te vinden met behulp van zoekmachines, je mag ze vaak niet downloaden en delen via sociale media zit er ook lang niet altijd in. Op de presentatie en navigatie van de bijbehorende websites valt meestal ook wel het een en ander aan te merken. Als je dat keer op keer constateert, ga je op zeker moment verlangen naar erfgoedsites die ogen als Pinterest, open zijn als Wikipedia, of zo deelbaar zijn als Tumblr.

Rijksstudio
Op 30 oktober 2012 was er opeens zo’n website. Op die dag werd Rijksstudio, de nieuwe website van het Rijksmuseum, gelanceerd. Die site viel niet alleen op vanwege de omvang van de collectie, maar vooral door de mogelijkheden, zoals het mogen downloaden van afbeeldingen in hoge resolutie, het kunnen bewerken of remixen van die afbeeldingen, het kunnen samenstellen van gepersonaliseerde collecties en - ook niet onbelangrijk - de presentatie en het gebruiksgemak van het geheel. De recensies in de media waren bijzonder lovend.

In een persbericht van 23 november zei het Rijksmuseum hier zelf over:
‘Rijksstudio is op 30 oktober gelanceerd en is een voor de museumwereld innovatieve digitale toepassing, waarin een groot deel uit de Rijksmuseumcollectie voor iedereen gratis beschikbaar is. 125.000 bekende, onverwachte en verrassende beelden om tot in detail op in te zoomen, om aan te raken, te ‘liken’ én om zelf mee aan de slag te gaan. In de ruim drie weken tijd dat Rijksstudio online ging, zijn meer dan 20.000 Rijksstudio’s gemaakt en meer dan 45.000 objecten uit de collectie van het Rijksmuseum gedownload. Bovendien bezoeken twee keer zo veel mensen de nieuwe website van het Rijksmuseum sinds de lancering op 30 oktober. Opvallend is dat de bezoeken veel langer duren, gemiddeld 14 minuten in tegenstelling tot drie minuten in het verleden. Hiermee overtreft het alle verwachtingen en is de website voor het Rijksmuseum dan ook een groot succes.’

Screenshot Rijksstudio


Ook ik was (en bén) erg onder de indruk van Rijksstudio. Na de eerste kennismaking wist ik meteen dat ik in de toekomst nog vaak zou gaan verwijzen naar deze website. Hier kunnen bibliotheken een voorbeeld aan nemen! Daar kun je als organisatie mee voor de dag komen! M’n enthousiasme riep echter ook vragen bij me op. Is een website als Rijksstudio betaalbaar en daarmee ook realiseerbaar in de bibliotheekwereld? Hoeveel werk komt er kijken bij zo’n platform? Namens Bibliotheekblad besloot ik de vragen voor te leggen aan Peter Gorgels, manager Internet bij het Rijksmuseum. Die nam daar bijzonder welwillend de tijd voor.

Investering
Is er projectdocumentatie beschikbaar/openbaar? Ik ben benieuwd hoe het project tot stand is gekomen en hoeveel voorbereiding het kostte, met welke partijen er werd samengewerkt om alles te realiseren, hoeveel mensuren er ongeveer in zaten en wat de begroting van het project was. De belangrijkste insteek hierbij is de vraag of een project als dit ook te realiseren is in de bibliotheekwereld. Daar is veel geld beschikbaar voor de digitale bibliotheek en er wordt gewerkt aan een nationale catalogus.
‘Er is net een paper gepubliceerd voor MW2013. Wij denken dat die veel inzicht geeft.
Het heeft van concept tot lancering een maand of 14 geduurd. De e-strategy hadden we een jaar eerder geformuleerd. Er werd samengewerkt met Fabrique (ontwerp), Q42 (techniek), Skipintro voor de campagne en Peecho voor de afhandeling van de zelf gemaakte producten. Er was een begroting van 1,1 miljoen euro, mogelijk gemaakt door steun van de BankGiro Loterij. Er was een klein dedicated projectteam, met steun van de directie. In totaal is er misschien 2 a 3 fte aan mensuren gedurende die 14 maanden besteed, verdeeld over het projectteam en stakeholders. Let wel: de content die we gebruiken (beeld en info) is het werk van conservatoren, registrators, fotografen en anderen van soms wel (tientallen) jaren, maar die waren voorwaardelijk voor het project zelf.’

Op Open Cultuur Data bieden jullie sinds vorig jaar ook de api en de data aan. Zijn er partijen die daar belangeloos mee aan de slag zijn gegaan, wat jullie ook weer bruikbare functionaliteiten opleverde, of is daar nog geen sprake van?
‘In eerste instantie bieden we de api aan voor partnerprojecten als Europeana, daarnaast bieden we hem ook open aan: iedereen kan ermee aan de slag. Er zijn partijen belangeloos mee aan de slag gegaan, sommigen hebben een app gemaakt die geld kost in de appstore. De resultaten qua publieksbereik zijn nog (zeer) beperkt naar ons idee, qua “creëren van buzz” en het verfrissen en verdiepen van het merk Rijksmuseum werkt het wel goed. In feite is de open api een element in onze e-strategy, waarbij het dichtbij brengen van de collectie naar het publiek centraal staat.’

Hoeveel mensen werken nog aan de website sinds de oplevering? Komt er nog steeds veel werk bij kijken, of is het nu vooral een kwestie van beheren?
‘We hebben klein, toegewijd webteam van iets meer dan 2 fte. Maar zoals gezegd werken er achter de schermen veel meer medewerkers mee. Ook hebben we met Q42 en Fabrique een onderhoudscontract en dat is vanzelfsprekend zeker nodig.’

Samenwerking
Voor kleinere organisaties is een website als deze waarschijnlijk niet haalbaar. Hoe kijkt het Rijksmuseum aan tegen samenwerking met andere erfgoedinstellingen? Is de code bijvoorbeeld ook vrij beschikbaar? Of zijn er bijvoorbeeld koppelingen mogelijk met de nationale catalogus, zoals dat ook mogelijk is met - bijvoorbeeld - Europeana?
‘We kunnen sowieso inzicht geven in gebruikte software, vrijwel allemaal open source techniek: CMS Orchard, zoekmachine Elastich Search, Inzoomsoftware Leaflet (zie ook in de paper). We zouden de broncode ter beschikking kunnen stellen, maar wij denken dat die zo verweven is met het totale concept, dat een 1 op 1 gebruik niet zo veel zin heeft. De broncode zouden we - as is - open source kunnen maken. Voor het beheren van een open source project en investering in de code om die overdraagbaarder te maken hebben we geen tijd en budget. Wij geloven heel sterk dat je vanuit je kernwaarden een goed concept moet ontwikkelen en dat daaruit alles volgt: design, techniek, campagne et cetera. De kern is dat dat voor iedereen anders is.’

Kunnen jullie al iets zeggen over het succes van de site? Hoe zijn de bezoekersaantallen? Is de online zichtbaarheid en vindbaarheid toegenomen? Maken veel mensen gebruik van de remixmogelijkheden die worden aangeboden? Wat gebeurt er uiteindelijk met die remixes? Worden er ook vaak afdrukken besteld? Leidt het geheel tot nieuwe samenwerkingsverbanden? (Reeds bekend zijn de cijfers in het persbericht van 23 november 2012
‘In de paper staan nog recentere resultaten.’ (Het gaat dan om cijfers over de eerste drie maanden vanaf de lancering: 32.000 Rijksstudio's gemaakt en 112.000 downloads.)

Heeft de samenwerking met de BankGiro Loterij nog nadelige gevolgen voor non-profitorganisaties?
‘Het concept van Rijksstudio sluit naadloos aan op de missie van de BankGiro Loterij. De BankGiro Loterij ondersteunt juist non-profit organisaties op het gebied van kunst en cultuur. De financiering is geheel afkomstig uit de zogenaamde dertiende trekking, waarvoor alle erfgoedinstellingen projecten kunnen voorstellen. Wij hebben een goed plan ingediend en de BankGiro Loterij heeft ons voorstel gehonoreerd. De samenwerking ging prima, het project is in de geest ook hetzelfde gebleven als oorspronkelijk, in de uitvoering hebben we de volledige vrijheid gehad om het (onderbouwd) naar onze eigen ideeën verder in te vullen.’

Ontwikkeling
Zijn er nog dingen mis gegaan in de aanloop naar het project? Zijn er nog zaken waar jullie nog steeds ontevreden over zijn? En liggen er nog grote plannen voor de komende jaren?
‘Qua resultaten is het aantal bestelde producten tegengevallen. Het blijkt dat het voor veel mensen toch hoogdrempelig is om zelf een mooi detail te kiezen en dat te bestellen. Voor de komende jaren staat de verdere uitrol van de e-strategy voorop, het dichterbij brengen van de collectie. Daarvoor gaan we steeds op zoek naar de meest effectieve kanalen. Op korte termijn wordt Rijksstudio geïntegreerd met onze nieuwe multimediatours en educatieve workshops. En wordt het Rijksstudio concept online verder ontwikkeld in de richting van nog persoonlijker, socialer en het nog beter ontsluiten van alle mooie dingen die het publiek maakt.’

Zijn er nog andere vermeldenswaardige zaken, vanuit het perspectief van Rijksstudio en van moderne collectieontsluiting, gebruikersparticipatie en een open benadering van digitaal erfgoed?
‘Wij denken dat een goed concept en een goede uitvoering, denken vanuit relevante trends en vanuit de moderne digitale burger en hoe hij het Internet en zijn “devices” gebruikt, de meeste kans op succes bieden. Er wordt vaak veel nadruk gelegd op zaken die of randvoorwaardelijk zijn of te veel vanuit de politiek of organisatie of vanuit technologie gedacht zijn. Open data, open design, html5, apps, responsive web, inzoomtechnologie et cetera zijn allemaal belangrijke elementen, maar an sich bieden ze geen toegevoegde waarde voor gebruikers. Het gaat er uiteindelijk om producten en services aan te bieden die werkelijk iets toevoegen en (met plezier) gebruikt worden.’

Tekst: Edwin Mijnsbergen 

Rijksstudio
Rijksstudio is gelanceerd op 30 oktober 2012 als onderdeel van de website van het Rijksmuseum, die daarnaast ook nog een sectie omvat met informatie over het fysieke museum (o.a. openingstijden etc). Rijksstudio biedt toegang tot zo’n 125.000 kunstwerken. Het Rijksmuseum noemt Rijksstudio uniek vanwege de omvang van het aanbod, de hoge kwaliteit van de afbeeldingen en de mogelijkheden die het publiek geboden worden om zelf iets te doen met de afbeeldingen. Bij het creëren van Rijksstudio is uitgegaan van een ‘tablet first’-strategie, vanuit de gedachte dat het gebruik van apps steeds belangrijker wordt. Met Rijksstudio wil het Rijksmuseum zich niet alleen richten op de kunstkenner en –liefhebber, maar ook op de zogeheten ‘culture snacker’, die van beeld houdt en het ook graag hergebruikt voor eigen creatieve toepassingen. Met Rijksstudio wil het Rijksmuseum deze ‘culture snacker’ aanboren als nieuwe doelgroep om zo de collectie een plaats te geven binnen de hedendaagse beeldcultuur. Gebruikers worden aangemoedigd de afbeeldingen op elke mogelijke manier (copyright-free) te (her)gebruiken, om er prentbiefkaarten of posters van te maken, of simpelweg door een high-resolution te downloaden, maar ook voor creatievere toepassingen zoals breipatronen, T-shirts, tafelkleden, behang, prints op kleding of meubels en zelfs als basis voor met een 3D-printer gemaakte objecten. Gebruikers kunnen gepersonaliseerde selecties maken en afbeeldingen bewerken en hergebruiken. Een origineel voorbeeld van een persoonlijke set is ‘Bottom lefts’ van Mark Creegan, een kleine verzameling van de hoekjes links onderaan van schilderijen. Een overzicht van al deze persoonlijke collecties (Rijksstudio’s) is hier te vinden. Op verzoek van het Rijksmuseum hebben verschillende ontwerpers en kunstenaars Rijksstudio gebruikt om nieuwe toepassingen te bedenken, bij wijze van voorbeeld. Zo heeft Christian Borstlap een videoclip gemaakt op basis van afbeeldingen uit de collectie. Met ‘Meestermatcher’ kan de gebruiker op basis van simpele thema’s en ingangen bepaalde werken op het spoor komen.
‘Sharing’ via social media is een belangrijk uitgangspunt bij Rijksstudio.
Binnen drie maanden na de lancering van de website waren er 32.000 persoonlijke 'Rijksstudio's' aangemaakt en waren er 112.000 afbeeldingen gedownload. Het aantal bezoekers van de Rijksmuseum-site groeide met 34 procent sinds de lancering van de nieuwe website.
Bart Janssen





Reacties op dit artikel (3)

Jaap van de Geer
10-4-2013 11:47
 Mooi interview Edwin, komend weekend is Peter Gorgels ook te zien in aflevering 94 van www.thisweekinlibraries.com
We delen dus je enthousiasme voor de site en de Open Data aanpak.
Edwin
10-4-2013 12:02
Dank je Jaap. Leuk dat hij daar ook aan het woord komt. Ga ik zeker kijken! 
jan de waal
10-4-2013 12:37
 Prachtige site en veel mogelijkheden voor bibliotheken om hun website of bibliotheek in te richten met mooie "historische" beelden. 
Zoek maar eens op boek, niet alle plaatjes zijn mooi maar wel veel bruikbaar.

https://www.rijksmuseum.nl/nl/zoeken?v=&s=&q=boek

Aanmelden is wel verplicht om de plaatjes te downloaden. Handig zou zijn om als bibliotheekbranche een commerciele inlog te krijgen..VOB taakje?

Schrijf een reactie

Naam
E-mailadres (?)
Reactie
 

Gerelateerde informatie

Gastblog

Wat deed jij tijdens de Week van de Mediawijsheid? Maaike van der Pal

Wat deed jij tijdens de Week van de Mediawijsheid? Voor mij geen rustig achter-het-bureau-weekje. Ik deed onderzoek naar media. Online en offline media, in de bibliotheek. Ik zocht bijvoorbeeld naar informatie over bijzondere sporten (‘Lacrosse? Dat is gewoon hockey met een netje, juf’). En... Lees verder