HomeNieuwsNieuws uitgelichtBericht
voetnoot
Landelijke innovatie buiten zicht regio’s; pleidooi 'Innovatieraad'
Wim Keizer
26-11-2013
De deelnemers aan drie in september en oktober door het Sectorinstituut Openbare Bibliotheken (SIOB) belegde 'innovatiedenkmiddagen' vinden het storend dat veel innovatiegeld wordt besteed aan landelijke projecten die zich buiten het zicht afspelen van innovatiedeskundigen in de regio. Maar op lokaal en regionaal niveau mist men wel een senior responsible owner in de bibliotheekinnovatie. Voor een deel kan dat worden geweten aan gebrek aan lokale en regionale bereidheid tot samenwerken en kennis delen.
Dit staat te lezen in een door Frank Huysmans (Ware Kennis) in opdracht van het SIOB geschreven rapport (pdf) over de denkmiddagen. Het rapport is gepubliceerd op de SIOB-site. De middagen waren weer een vervolg op de in het SIOB-projectplan innovatieagenda aangekondigde activiteiten, met als deelproject A het inventariseren van innovatieve initiatieven. Deze inventarisatie is uitgevoerd door Edwin Mijnsbergen (M. I. Webwerk). Deelproject B was het vormen en steunen van innovatienetwerken met behulp van diverse bijeenkomsten en een innovatiecoalitie.
Deelproject C zal zijn dat het SIOB kansrijke initiatieven in de vorm van een pilot of opschaling van bestaande projecten wil (co)financieren.

Uitleenfunctie minder centraal
Huysmans rapporteert dat de innovatiedeskundigen vrij breed de mening delen dat het uitlenen van boeken als middel om het doel 'persoonlijke ontwikkeling van burgers' dichterbij te brengen op termijn minder centraal zal staan. Maar de inschattingen over de lengte van deze termijn verschillen. Het accent in de ideeën over bibliotheekinnovatie lag op de transitie naar een ander soort bibliotheek: een bibliotheek als platform die er in mindere mate is met een collectie voor de burger, maar die in toenemende mate met de burger samen aan de slag gaat om kennis en creativiteit tot ontwikkeling te laten komen.

Nodig voor transitie
Om die transitie te bewerkstelligen, zou de openbare bibliotheekwereld volgens het rapport:
  • Programma’s en diensten kunnen ontwikkelen die – naast traditionele vaardigheden als leesbevordering (die belangrijk blijven) – ook gericht zijn op 21e-eeuwse vaardigheden;
  • Zich kunnen richten op het verbinden van mensen met media en kennis (context), dus meer gaan naar interactie en co-creatie met burgers (de bibliotheek als platform);
  • Het bovenstaande kunnen oppikken uit lokale en regionale initiatieven, dan wel de ontwikkeling ervan op lokaal/regionaal niveau kunnen stimuleren;
  • Het uitleen(distributie)model geleidelijk kunnen helpen uitfaseren (waarbij de grote groep 'volgers' die de vertrouwde diensten van de bibliotheek onveranderd apprecieert tegemoet wordt gekomen).
Actiepunten
Voor landelijke organisaties als het SIOB en Bibliotheek.nl [na 2014 de Koninklijke Bibliotheek - wk] somt Huysmans een lijstje actiepunten op:
  • Een heldere en motiverende visie en missie voor de toekomstige openbare bibliotheek formuleren en (helpen) uitdragen;
  • Minder sturend en meer dienstbaar zijn aan lokale/regionale innovatie, door het helpen opschalen van kansrijke (en bij de visie/missie aansluitende) innovaties;
  • Minder gericht zijn op digitaliseren van het aloude uitleenmodel, meer middelen inzetten voor echt vernieuwende programma’s en diensten;
  • Innovatie als continu proces in de sector verankeren; hiervoor een 'Innovatieraad' in het leven roepen die een 'Innovatielandkaart' ontwikkelt en op basis daarvan regie voert op het geheel (met inachtneming van de wenselijke arbeidsdeling die gebaseerd is op uiteenlopende talenten en deskundigheden in de sector);
  • Kennisdeling aanjagen: succesverhalen helpen delen en daardoor hergebruik van concepten stimuleren en handvatten bieden om een landelijk, regionaal én lokaal verankerde cultuur van innovatie te helpen creëren.
Drie inleiders
Voor de drie middagen (19 en 26 september en 3 oktober) waren mensen uitgenodigd die vanuit hun professie of vanuit persoonlijke betrokkenheid met bibliotheekinnovatie bezig zijn (de lijstjes deelnemers staan achterin het rapport). Voor elk van de middagen was een externe deskundige gevraagd om een korte aftrap te geven en wel:
- Bert Mulder (o.a lector Informatie, Technologie en Samenleving aan de Haagse Hogeschool);
- Theo Meereboer (zelfstandig creatief ideeënontwikkelaar en o.a. consultant COMMiDEA);
- Jos de Haan (o.a. hoofd sector Zorg, Emancipatie en Tijdsbesteding van het Sociaal en Cultureel Planbureau).

Mulder wees op de tekorten aan professionals die in 2020 zullen ontstaan op het gebied van zorg, welzijn en onderwijs. Maar tegelijk wordt er meer zelfredzaamheid van de burgers gevraagd. Dat biedt een kans aan bibliotheken om als (vaak enige) publieke instelling burgers te ondersteunen bij hun door de overheid toebedachte zelfstandige rol.

Meereboer zag de mogelijkheid dat de bibliotheek verandert van instituut naar beweging. Dan moet de bibliotheek de bestaande institutionele benadering (gebouwen, collectie, boeken) loslaten en het oorspronkelijke idee als mobiliserend principe centraal stellen.

De Haan wees op het bestaan van voorlopers, achterblijvers en groepen er tussenin bij innovatie. Het is een uitdaging voor bibliotheken om al die groepen elk op hun manier te bedienen en aan je te (blijven) binden. 

Tekst: Wim Keizer


Print deze pagina

Reacties op dit artikel (0)

Er zijn nog geen reacties.

Schrijf een reactie

Naam
E-mailadres (?)
Reactie
 

Gerelateerde informatie

Peiling

Nederlandse bibliotheken gaan steeds meer lijken op IKEA-filialen
Eens
Oneens
In Bibliotheekblad nummer 3 2017 stelt bestsellerauteur Herman Koch liever boekhandels dan bibliotheken te bezoeken. 'Ik ben alleen in...
Lees meer en geef uw mening