HomeNieuwsNieuwsoverzichtBericht
voetnoot
Advies Europees Hof van Justitie: uitlenen e-books hoort onder leenrecht
16-06-2016
Advocaat-generaal Maciej Szpunar van het Europees Hof van Justitie oordeelt in een vandaag bekendgemaakt advies dat e-books ook dienen te vallen onder het leenrecht. Openbare bibliotheken zouden e-books daarmee kunnen uitlenen onder dezelfde regels als de uitleen van papieren boeken. Het advies van de advocaat-generaal is niet bindend; het Europese Hof doet naar verwachting eind 2016 een uitspraak.
Het advies van Szpunar is een volgende stap in de proefprocedure over e-books en leenrecht die de Vereniging van Openbare Bibliotheken (VOB) in 2013 is gestart tegen Stichting Leenrecht. De Rechtbank Den Haag heeft in haar vonnis van 1 april 2015 (pdf) geoordeeld vier zogeheten prejudiciële vragen voor te leggen aan het Europees Hof in Luxemburg. 

Deze procedure draait om de vraag of e-books onder het leenrecht dienen te vallen, zoals nu reeds het geval is met papieren boeken. Op dit moment moeten de bibliotheken nog aparte afspraken maken met de verschillende uitgevers over het uitlenen van e-books. Als ook de e-books onder het leenrecht gaan vallen, hoeft dat niet meer. In dat geval kunnen bibliotheken ze net als papieren boeken aankopen en uitlenen, mits er per uitlening een 'billijke vergoeding' aan de auteurs betaald wordt.
Het beroep van de VOB in de zaak tegen Stichting Leenrecht heeft betrekking op uitlening via het 'one copy one user'-model: het e-book waarover de bibliotheek beschikt, wordt door de gebruiker voor de duur van de uitlening gedownload, en gedurende die tijd is het boek niet beschikbaar voor andere gebruikers van de bibliotheek

Advocaat-generaal Maciej Szpunar is van mening dat het voor een beperkte tijd aan het publiek ter beschikking stellen van e-books door openbare bibliotheken inderdaad kan vallen onder de richtlijn inzake het verhuur- en het uitleenrecht. Uit het perscommuniqué (pdf) naar aanleiding van Szpunars advies (een zogeheten 'prejudiciële beslissing') aan het Europees Hof van Justitie blijkt dat de advocaat-generaal oordeelt dat e-books net als papieren boeken onder het verhuur- en leenrecht moeten vallen omdat bij de vaststelling van de Europese regelgeving op dit gebied de technologie van e‑books nog niet zodanig ver ontwikkeld was dat een commerciële exploitatie aan de orde was. De advocaat-generaal stelt dat er daarom een 'dynamische' of 'evolutieve' interpretatie op het leenrecht moet worden toegepast die tot de conclusie leidt dat het uitlenen van e-books het moderne equivalent is van het uitlenen van gedrukte boeken.
Szpunar stelt verder dat het hoofdoel van de copyrightwetgeving is het beschermen van de belangen van de auteurs. De huidige situatie, waarin bibliotheken afspraken maken met de verschillende uitgevers aangaande het uitlenen van e-books, is echter vooral profijtelijk voor de uitgevers en aanpalende partijen, zonder dat de auteurs een passende vergoeding ontvangen. Indien de digitale uitlening daarentegen zou worden geacht te vallen onder de richtlijn, dan zouden de auteurs daardoor naast de vergoeding uit de verkoop van de boeken een vergoeding ontvangen die niet zou afhangen van de met de uitgevers gesloten overeenkomsten.

De advocaat-generaal stelt bij wijze van toelichting in zijn advies onder andere: 'De uitlening van e‑books is een modern equivalent van de uitlening van papieren boeken. (...) Vandaag, in het digitale tijdperk, moeten bibliotheken in staat zijn dezelfde rol ten aanzien van het bewaren en verspreiden van de cultuur te blijven vervullen als in de tijd toen alleen het papieren boek bestond. Dat is echter niet vanzelfsprekend in een omgeving waarin alleen de wetten van de markt gelden. Enerzijds hebben bibliotheken – en vooral openbare bibliotheken – niet altijd de financiële middelen om e‑books met het recht van uitlening aan te schaffen tegen de hoge prijs die de uitgevers vragen. Dat geldt in het bijzonder voor bibliotheken in de minst bedeelde milieus, dat wil zeggen daar waar hun betekenis het grootst is. Anderzijds zijn de uitgevers en de tussenhandelaren op de markt van e‑books vaak huiverig om met bibliotheken overeenkomsten te sluiten die hun het recht geven e‑books uit te lenen. Zij vrezen namelijk dat die uitlening hun belangen schaadt doordat de verkopen dalen of doordat zij niet hun eigen commerciële modellen kunnen ontwikkelen voor de terbeschikkingstelling voor bepaalde tijd. Ofwel beperken zij derhalve langs contractuele weg de uitleenmogelijkheden van e‑books voor de bibliotheken, bijvoorbeeld door een maximum te stellen aan het aantal uitleningen of door een periode na de verschijning van het boek vast te stellen waarin geen uitlening mogelijk is, ofwel weigeren zij contractuele betrekkingen met bibliotheken aan te gaan. Zonder de privileges die voortvloeien uit een exceptie op het uitsluitende uitleenrecht lopen de bibliotheken dus het gevaar dat zij in een digitale omgeving niet meer in staat zullen zijn de rol te blijven vervullen die zij altijd hebben vervuld in de wereld van het papieren boek. Om bovengenoemde redenen ben ik van mening dat de uitlegging van het begrip 'uitlening' (...) niet moet worden beperkt tot hetgeen de Uniewetgever mogelijk voor ogen had op het moment van de oorspronkelijke vaststelling van die richtlijn (dat wil dus zeggen: richtlijn 92/100), maar dat het zodanig moet worden gedefinieerd dat het aansluit bij de ontwikkelingen die zich sindsdien in de technologie en op de markt hebben voorgedaan.'

Het advies van de advocaat-generaal aan het Europees Hof is niet bindend, maar wordt in veel gevallen wel overgenomen door het Hof. Het Hof zal nu, mede aan de hand van het advies van de advocaat-generaal een standpunt bepalen. Naar verwachting doet het Europese Hof van Justitie eind 2016 een uitspraak.

In een reactie stelt Francien van Bohemen van de VOB: 'We zijn heel blij met deze conclusie van de advocaat-generaal, maar we moeten natuurlijk nog wel even afwachten wat het Hof hiermee gaat doen. Als zij volgen wat de advocaat-generaal heeft gesuggereerd, dan opent dat vele wegen voor ons.' Het is volgens Van Bohemen nog onduidelijk wat er precies zou gebeuren als e-books onder het leenrecht komen te vallen. Over de overeenkomsten tussen bibliotheken en aanbieders van e-books zou dan opnieuw moeten worden onderhandeld, aldus de berichtgeving op nu.nl.
 
Voor de volledige tekst van het advies, zie hier

Zie ook de uitgebreide analyse van Raymond Snijders op zijn weblog.


Print deze pagina

Reacties op dit artikel (0)

Er zijn nog geen reacties.

Schrijf een reactie

Naam
E-mailadres (?)
Reactie
 

Gerelateerde informatie