HomeNieuwsNieuwsoverzichtBericht
voetnoot
Auteursrecht: moeilijk verhaal met happy end?
Frank Huysmans
08-03-2013
Wat moeten openbare bibliotheken met het auteursrecht? In de zeven artikelen die aan dit slot van de reeks ‘auteursrecht en bibliotheken’ voorafgingen, zijn plussen en minnen de revue gepasseerd. De auteur ziet op korte termijn drie mogelijkheden voor de bibliotheken en een uitdaging voor de langere termijn. 
Auteursrecht: moeilijk verhaal met happy end?
Er valt wel wat voor te zeggen dat openbare bibliotheken zonder auteursrecht misschien helemaal niet zouden hebben bestaan. In hun huidige gedaante althans: als plek waar je vooral komt om auteursrechtelijk beschermde materialen te lenen. Materialen die je anders zou moeten kopen. En dat zou je in acht à negen van de tien gevallen niet doen. In een wereld waarin alle voortbrengselen van de geest aan het publieke domein toebehoren, zou een goed geordende fysieke collectie zeker ook handig zijn geweest. Maar in digitale tijden zou de gehele collectie Nederland vermoedelijk al goed ontsloten op het web hebben gestaan.
Nu dat laatste niet het geval is, moeten we het doen met een digitale rommelzolder. Op het web circuleren bestanden met duizenden titels. Die worden door sommigen gedownload en ze gaan vervolgens op talloze usb-sticks en cd-roms van hand tot hand. Wie zulke bestanden wel eens heeft ingezien, weet ook dat het allegaartjes zijn van populair en literair, van pornografie en filosofie. Niks evenwichtig samengestelde collectie, niks kwalitatief hoogstaand, niks systematisch ontsloten. De bibliothecaris siddert diep vanbinnen van afgrijzen.

Balans is zoek
Over het auteursrecht hebben we kunnen vaststellen dat het in zijn huidige vorm op termijn niet te handhaven is. De van hand tot hand gaande bestanden getuigen daarvan. Geen wet is op termijn bestand tegen massale ontduiking. Content is niet langer technisch te beschermen tegen kopiëren sinds de eenheid tussen informatie en fysieke drager definitief verleden tijd is. Er worden nog wel verwoede pogingen gedaan, maar die treffen vooral de klanten die te goeder trouw zijn en gewoon willen betalen: de grote meerderheid. Deze mensen voelen zich gewantrouwd en gefrustreerd door alle beperkingen die digital rights management en licentieovereenkomsten hun opleggen.
Dat het internet op een virtuele politiestaat begint te lijken, is in niet geringe mate te danken aan het stuklopen van het auteursrecht op de technische realiteit van nu. De balans tussen het economische doel van het stimuleren van innovatie en het culturele doel van een onbelemmerde toegang tot cultuuruitingen is zoek. In reactie op het anarchistische filesharen staat het recht de rechthebbenden meer en meer vrijheid toe in het tegengaan daarvan.

Open access
Moet het auteursrecht dan echt op de helling voordat bibliotheken weer gewoon hun werk kunnen doen? Dat is maar de vraag. In deze artikelenreeks kwam een reeks hervormingen van de status quo aan bod die zich binnen het auteursrecht afspelen:
- In de wetenschappelijke literatuur is het principe van open access vorig jaar definitief doorgebroken. Open access houdt kort gezegd in dat gebruikers geen licenties hoeven af te sluiten voor toegang tot literatuur en dat er geen kosten verbonden zijn aan raadpleging. Er zijn drie varianten. Green open access lijkt nog het meest op de huidige praktijk. Een artikel verschijnt in een tijdschrift, waarop instituties zich moeten abonneren. Maar auteurs mogen de voorlaatste proef van het artikel in een repository plaatsen, zodat die zonder kosten geraadpleegd en via Google makkelijk gevonden kan worden. Doorgaans stelt de uitgever na een of twee jaar de betreffende jaargang kosteloos beschikbaar. Gold open access is een variant waarbij de auteur (meestal diens werkgever) de kosten van publicatie (article processing charge) voor zijn rekening neemt, opdat het gebruik vrij van kosten is. Diamond open access is een variant waarbij noch auteur, noch gebruiker iets hoeft te betalen. Hier is het de uitgever zelf, een instituut of een fonds dat al dan niet tijdelijk de publicatiekosten voor zijn rekening neemt.
- Open access is mogelijk doordat de maker van een werk vrijwillig afstand doet van een deel van zijn rechten of er zelfs geheel van afziet. In deze reeks maakten we kennis met diverse varianten. De zes Creative Commons-licenties zijn inmiddels wel de bekendste. In alle CC-licenties is ten minste naamsvermelding van de oorspronkelijke auteur verplicht. Zelfs van dat recht kunnen auteurs afstand doen door hun werk onder CC0 (nul) vrij te geven. Diverse bibliotheekorganisaties hebben dit recentelijk gedaan met een deel van hun metadata. De General Public License uit de open softwarebeweging inspireerde Creative Commons tot opname van het krachtige ‘gelijk delen’-principe. Dit geeft eenieder het recht om een werk door te ontwikkelen voor eigen en andermans gebruik, mits die nieuwe variant onder dezelfde voorwaarde wordt doorgegeven. Paradoxaal genoeg maakt dit principe binnen het geldende auteursrecht het ontstaan van exclusieve exploitatierechten effectief onmogelijk.
Daarnaast zagen we dat in het Amerikaanse recht de fair use-doctrine het mogelijk maakt om, eveneens binnen auteursrechtelijke kaders, op een redelijke wijze gebruik te maken van beschermd werk. Goed nieuws voor Amerikaanse burgers en bibliotheken, maar in Europa hebben we daar niet zo veel aan.

Fout herstellen
Alles goed en wel, maar wat kunnen openbare bibliotheken in Nederland hier nu mee? In de huidige situatie drie dingen. Op de eerste plaats kunnen ze bij gelijke inhoud en kwaliteit de voorkeur geven aan open boven gesloten bronnen en deze open bronnen in hun collecties een zichtbare plaats geven. We hebben het dan vooral over non-fictie. Op de tweede plaats kunnen ze zich sterk maken voor de uitbreiding van open access. Dit in het besef dat het uiteindelijk niet om hun eigen voortbestaan gaat, maar om het hogere doel waarvoor ze ooit zijn opgericht. En op de derde plaats kunnen ze proberen om het recht op doorlevering van non-fictie én van fictie collectief af te kopen, het liefst, zoals in Noorwegen, voor de gehele bevolking en niet alleen hun eigen leden.
In een wat langer durend traject zouden ze zich kunnen inzetten voor hervorming van het auteursrecht. Dit zal voor Nederland in Brussel moeten geschieden. Dat het leenrecht in het Europese recht wel voor fysieke maar niet voor digitale materialen geldt, is een fout geweest. Die fout, begrijpelijk maar tragisch en met mogelijk ernstige gevolgen voor onze culturele én economische ontwikkeling, moet worden hersteld. Vanuit hun missie zou het bij uitstek de openbare bibliotheekwereld moeten zijn die zich daarvoor inzet. Brussel staat momenteel opener dan ooit voor haar argumenten. Aan de slag!

Tekst: Frank Huysmans
Afbeeldingen: Shutterstock

Frank Huysmans is bijzonder hoogleraar bibliotheekwetenschap, vanwege het Sectorinstituut Openbare Bibliotheken, aan de Universiteit van Amsterdam, en onderzoeker/adviseur bij WareKennis in Den Haag (warekennis.nl).

Dit artikel verscheen ook in Bibliotheekblad 3, 2013 en is het achtste en laatste deel in een reeks over auteursrecht en bibliotheken in het digitale tijdperk. De eerdere delen stonden in Bibliotheekblad 7 t/m 10 en 12, 2012 en nummer 1 en 2, 2013 en in de rubriek Spotlight op www.bibliotheekblad.nl.

Deze bijdrage is gepubliceerd onder een CC-BY-SA 3.0 NL-licentie.


De eerdere delen in deze reeks:
Deel 1 Leenrecht of geen recht?
Deel 2 Auteursrecht: beperkingen, uitzonderingen en fair use
Deel 3 Copyright-light: de Creative Commons-licenties
Deel 4 Copyleft en activisme: kan auteursrecht worden afgeschaft?
Deel 5 Digital rights management
Deel 6 De piraat is eigenlijk een parasiet
Deel 7 Je bent wat je leest. Wat je leest is bekend



Print deze pagina

Reacties op dit artikel (0)

Er zijn nog geen reacties.

Schrijf een reactie

Naam
E-mailadres (?)
Reactie
 

Gerelateerde informatie